Hogeschool van Amsterdam

Leraar Wiskunde vaktoets

Hier vind je alle informatie die je nodig hebt om je voor te bereiden op de vaktoets van het 21+-toelatingsonderzoek voor de opleiding Leraar Wiskunde.

Leraar Wiskunde

Het examen toetst de stof uit ‘Getal en Ruimte’ havo B deel 3. Dit is in grote lijnen de havo-examenstof wiskunde. Er kunnen toetsvragen gesteld worden over alle onderwerpen uit het boek. De normering staat vermeld op de toets.

De toets bestaat uit open vragen en duurt 1 uur en 15 minuten.

Je kunt gebruik maken van de volgende boeken

Let op: het betreft boeken uit editie 2007.

Met de diagnostische toetsen aan het einde van de hoofdstukken kun je testen in hoeverre je de stof van dat deel beheerst. De onderwerpen die je niet beheerst, bestudeer je uit deel B3 en zo nodig bestudeer je ook de delen B1 en B2; die delen bereiden voor op deel B3.

Hierbij aanbevolen: de antwoordenboeken of de uitwerkingenboeken. Zie voor informatie over deze boeken en over de methode Getal en Ruimte: http://www.noordhoffuitgevers.nl/wps/portal/wnvo/getalenruimte ->(balk bovenin) webshop -> voortgezet onderwijs -> filter op ‘wiskunde’ en op ‘Getal en Ruimte’ en ‘2007 ed – Tweede Fase’

Je bent geslaagd voor deze vaktoets bij minimaal een 6.

  • Je moet een passer bij je hebben
  • Het gebruik van een formulekaart is niet toegestaan;
  • Grafische rekenmachine (GRM),  zoals beschreven voor centraal examen havo Wiskunde B 2017 onder het kopje ‘Examenstand/reset 2017’.

Er zijn handleidingen voor een aantal van de genoemde rekenmachines te koop; bijvoorbeeld bij de methode Getal en Ruimte. 

  • Als de GRM gebruikt wordt, moet altijd vermeld worden welke opties of commando’s gebruikt zijn. 
  • Als in een opgave staat: ‘bereken exact’, dan moet er een algebraïsche berekening (dus zonder GRM) gegeven worden en mag het antwoord niet benaderd worden. 
  • Als in de opgave staat: ‘bereken algebraïsch’, dan mag de grafische rekenmachine alleen als gewone rekenmachine  gebruikt worden, bijvoorbeeld om een antwoord te berekenen. Het eindantwoord mag dan dus wel benaderd worden.

Gepubliceerd door  Studentenzaken 3 oktober 2017