Hogeschool van Amsterdam

Aanpak lerarentekort centraal bij bezoek koning Willem-Alexander

Onderwijsminister Van Engelshoven samen met de koning te gast bij Pabo HvA

8 okt 2019 14:01 | Afdeling Communicatie

Samenwerking tussen hogescholen en schoolbesturen is een voorwaarde voor een effectieve aanpak van het lerarentekort. Daarbij dient Amsterdam als voorbeeld. Om met eigen ogen te zien hoe die samenwerking in de praktijk uitpakt bracht minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) vanochtend een werkbezoek aan de Pabo van de Hogeschool van Amsterdam. Zij werd vergezeld door koning Willem-Alexander.

Het bezoek begon op openbare basisschool Aldoende, op een steenworp afstand van de hogeschool. Koning Willem-Alexander en minister Van Engelshoven werden ontvangen door zijinstromer Hugo Smeijer, die naast zijn opleiding aan de Pabo drie dagen per week voor de klas staat en gisteren zijn zij-instroomtraject heeft afgerond.

Rijpen

Hoe hij de begeleiding heeft ervaren, wil de minister weten. Smeijer: "Zo'n traject als dit, staat of valt met goede begeleiding. Dat de school je de ruimte biedt om te rijpen. Gelukkig hebben de HvA en STAIJ (scholenkoepel waar Aldoende onder valt, red.) de zaken goed op orde, want ik hoor ook andere verhalen." 

Els Ramaekers, directeur van Aldoende, beschrijft de vicueuze cirkel waar veel scholen in Amsterdam mee worstelen. "Hoe groter het lerarentekort , hoe minder de begeleiding. En dat maakt de kans op uitval van docenten weer groter."

Korte lijntjes

Gelukkig heeft Aldoende daar op dit moment geen last van. De koning wil weten of dat komt omdat de school als samenwerkingspartner in het opleidingstraject van zijinstromers ook aantrekkelijker wordt voor leraren.

Ramaekers beaamt dat. "Doordat we samen opleiden zijn de lijntjes heel kort. Dat maakt de overgang van studie naar werk voor de leraren in opleiding ook heel soepel. Ze willen daarna graag bij ons blijven, en daar zijn we natuurlijk heel blij mee."

Later op de ochtend, wanneer de koning en de minister zich in het Kohnstammhuis van de HvA voegen bij een groep Pabo-studenten, gaat het gesprek over de motivatie om voor de opleiding te kiezen.

Pabo-studenten na afloop van hun gesprek met de koning en de minister

Cursus Spaans

Aan tafel zitten studenten met heel verschillende achtergronden. Van een al wat oudere deeltijdstudent met een carrière in de sociale advocatuur tot de jonge voltijd tweedejaars Koen Rosema, die na de havo tijdens een cursus Spaans in Spanje gegrepen werd door het vak. Rosema: "Daar werd leren zo leuk gemaakt, dat ik dacht: dat wil ik ook."

Tijdens een derde en laatste rondetafelgesprek met bestuurders resumeert Van Engelshoven de "hoopvolle verhalen" van de zij-instromers, de deeltijders en de voltijders. "Maar toch blijft de roep om meer groot," aldus de minister. Ze wil van het gezelschap weten wat er meer gedaan kan worden.

Aansluiting vooropleiding

Bestuursvoorzitter Huib de Jong, tevens voorzitter van de Taskforce Lerarentekort in Amsterdam, wijst er op dat het mooi zou zijn als het lukt om leerlingen op de havo al voor te bereiden op de Pabo, door ze een pakket te laten kiezen dat daarop aansluit. Dat is er nu nog niet.

Er klinkt verbazing bij de koning, maar in het gezelschap wordt ook driftig geknikt door opleidingsdirecteuren van andere hogescholen. "Hoe we nu al in Amsterdam samenwerken met het mbo is een mooi voorbeeld dat laat zien dat het wel degelijk mogelijk is om afspraken te maken over het curriculum," aldus De Jong.

De minister lijkt doordrongen van de noodzaak om de vooropleiding beter aan te laten sluiten. Ook gaan er stemmen op om meer specialismen aan te bieden in de opleiding, zodat "leerlingen de ruimte krijgen om hun hobby of passie een plek te geven" binnen het beroep van leraar basisonderwijs. De hoop is dat dit het beroep aantrekkelijker maakt. 

Loonkloof

Marjolein Moorman, wethouder Onderwijs in Amsterdam, blijft hameren op de loonkloof tussen het primair en voortgezet onderwijs. “Als we die kunnen dichten wordt switchen tussen primair en voortgezet onderwijs ook veel makkelijker."

 Zij krijgt bijval van Thijs Roovers, de basisschoolleraar die bekendheid verwierf met de lerarenstakingen van PO in actie. Roovers, tevens alumnus van de HvA, benadrukt dat al deze plannen ook goed moeten vallen binnen de beroepsgroep zelf. "Want wij worden nog te vaak overgeslagen bij initiatieven tot onderwijsvernieuwing.”

Hij krijgt het laatste woord:  “Ik geloof oprecht dat we vooral iets moeten doen om de uitval van docenten te beperken. Want daar zijn wel goede intenties voor, maar die lopen vast in uitvoerbaarheid. Als het ons lukt om dat op te lossen zijn we al een heel stuk verder."