Hogeschool van Amsterdam

‘Werken aan toekomstperspectief’

Workshop op de landelijke Voor de Jeugd Dag

15 okt 2019 11:16 | AKMI

Hoe kom je voorbij een punt in een actieonderzoek, waarin je tot de kern van één van de uitdagingen in de ondersteuning van jeugd naar volwassenheid lijkt te zijn gekomen maar even niet weet hoe je verder moet zoeken? Deze vraag werd door Ellie Miedema (programmamanager ‘Overgang naar volwassenheid 16-27’ van OJZ) en Marian Zandbergen (projectleider Fieldlab Toekomstplannen Jongeren) gesteld aan 50 professionals op de jaarlijkse Voor de Jeugd Dag van het Rijk, de VNG en het Nederlands Jeugdinstituut op het Westergasterrein in Amsterdam.

Werken aan een positief toekomstperspectief is motiverend en kan een beschermende werking hebben als de weg naar volwassenheid niet soepel verloopt. Maar het nadenken over dat toekomstperspectief is best een uitdaging voor veel jongeren, en voor de professionals die hen daarbij ondersteunen, zo concluderen de professionals en onderzoekers die bij het Fieldlab Toekomstplannen Jongeren (OJZ en UM) betrokken zijn. Hoe kun je als jongere met je toekomst bezig zijn, als er al zo veel op je af komt in het hier en nu? En kun je als professional die blik op de toekomst verbreden en positief framen, in samenwerking met andere professionals, terwijl je misschien wel belemmerd wordt door je eigen professionele blik en doelen, ziet wat er ‘moet’ en in de weg staat, en zelf ook regelmatig verdwaalt in ‘het systeem’. 

Het volgen van workshops ‘Storytelling over Toekomstplannen’ was een uitdaging voor jongeren die bijvoorbeeld een Licht Verstandelijke Beperking hebben, of jongeren met een verleden van dak- en thuisloosheid en/of jeugdcriminaliteit. Het formuleren van een toekomstbeeld is ‘goed te doen’, maar als je doorvraagt blijft het stil. Een vaag toekomstbeeld biedt te weinig houvast om te werken aan een positief toekomstperspectief, zo weten we uit eerder onderzoek. Wat moet je doen, wat moet je kunnen, wie heb je nodig, waarom zou het niet lukken en hoe kun je dat proberen te voorkomen zodat je komt waar je wil komen? Dat zijn allemaal vragen die mentoren op school en jeugdhulpverleners in de jeugdhulp stellen, en die we in het onderzoek ook met de deelnemende jongeren en professionals verkennen.

Dat kan behoorlijk overweldigend zijn, was ook de ervaring van een ervaringsdeskundige pleegouder met een zoon van net 18. En als je al veel hebt meegemaakt is de toekomst misschien wel te eng en ver weg van je uitdagingen in het hier en nu. Wat ook niet helpt is dat verschillende betrokken professionals hun eigen doelen lijken na te streven. Een aanwezige onderwijsprofessional gaf aan dat er op het oog in het onderwijs wel veel aandacht is voor het werken aan je toekomst, maar dat er in de tijd dat we de jongeren nog ‘randgroepjongeren’ dachten te kunnen noemen eigenlijk veel meer tijd en aandacht was om te werken aan toekomstperspectief.

De ervaringen van de aanwezige professionals bevestigden wat jongeren hebben genoemd als succesfactoren voor toekomstgericht werken. Ervaringen werden gedeeld, bijvoorbeeld over het hebben van een vrijwillige mentor/maatje die ruime tijd en aandacht voor je heeft in deze kritische fase, die met zijn totaal verschillende achtergrond en ervaring als positief rolmodel kan fungeren, en over het belang van vertrouwen om te delen en open te zijn over je twijfels en reflectie toe te durven laten (dan kom je misschien wel dat laagje dieper), maar vooral de boodschap om het klein en behapbaar te houden en te kijken naar wat je kunt doen om niet te overweldigen, maar het ‘denkbrein’ van een jongere aan te kunnen spreken. Dat kan niet altijd. Soms is het crisis, dan zijn jongeren aan het overleven, maar ook tijdens een heftige levensfase waarin allerlei problemen in het hier en nu spelen, kun je helpen om van overleven naar een positieve toekomstblik te komen.