Hogeschool van Amsterdam

Kenniscentrum faculteit Digitale Media & Creatieve Industrie

Wouter Groot nieuwe hoofd Bedrijfsvoering Kenniscentrum FDMCI

5 feb 2021 11:09 | Kenniscentrum FDMCI

Wouter Groot is in februari gestart als hoofd Bedrijfsvoering bij het Kenniscentrum FDMCI. Zijn ervaring in onderzoek, onderwijs en bij een adviesbureau komen samen in deze nieuwe baan.

Gefeliciteerd met je nieuwe baan! Wat sprak je zo aan in deze functie?
Dank je wel! Ik heb de afgelopen jaren veel ervaring kunnen opdoen in het hbo bij onderwijs en onderzoek, zowel binnen de HvA als daarbuiten. Zo werkte ik hiervoor bij de Hogeschool Utrecht en bij een adviesbureau voor de publieke sector. Ik heb onderzoeksprojecten en -consortia helpen opbouwen en ken de uitdagingen die daarbij horen, zowel extern als intern. In deze positie kan ik een concrete bijdrage leveren en onze organisatie daarin versterken door onze krachten nog beter de ruimte te geven. Ook heb ik een achtergrond in filmgeschiedenis (master Media & Cultuur) en bedrijfskunde en in deze functie komen voor mij inhoud en vorm heel mooi samen.


Hoe ziet een gemiddelde werkdag eruit in jouw functie?
Goede vraag, daar moet ik zelf ook nog achter komen (lacht). Maar waar het op neerkomt, is dat bedrijfsvoering zorgt dat alle processen op het vlak van financiën, personeel, onderzoekuitvoering en funding zo soepel en effectief mogelijk verlopen. Een sterke bedrijfsvoering stelt de organisatie in staat de gestelde doelen en impact zo efficiënt mogelijk te bereiken.

Je hebt een master Bedrijfskunde afgerond vorig jaar. Al enig idee hoe je deze kennis gaat toepassen in je nieuwe baan?
Jazeker. Bedrijfskunde biedt heel veel mogelijkheden om complexe materie (zoals processen binnen onze organisatie) terug te brengen tot de essentie. Bekende bedrijfskundige modellen zijn vaak wat kort door de bocht, maar bieden wel een bepaald perspectief waarmee je een organisatie verder brengt. Ik heb de specialisatie Digital Business gedaan, wat ik in eerste instantie goed kon gebruiken in mijn onderzoeksprojecten met digitale mediabedrijven en onderwijs.

Nu ga ik het inzetten om onze kijk op de waarde van onze eigen digitale huishouding te vergroten. Meer datagedreven inzichten kunnen zorgen voor beter zicht op bottlenecks in de organisatie en het ontdekken van kansen. Daarbij zit er een enorm innovatiepotentieel in onze eigen medewerkers door de projecten die we doen en de leidende rol die veel van de onderzoekers spelen in de maatschappelijk relevante ontwikkelingen. Daar zitten we vaak voor op de ‘innovatiegolf’ en dat kunnen we ook gebruiken voor onze eigen organisatie en bedrijfsvoering.

Wat zijn je plannen voor de toekomst?
Ik wil graag meer transparantie brengen in onze bedrijfsprocessen en keuzes die gemaakt worden. Daarbij moet er ruimte en aandacht zijn om kwalitatief hoogwaardige netwerken, consortia, en projecten op te blijven bouwen om het onderzoek een hoge impact te laten hebben. Deze impact zit op het niveau van de maatschappij, het onderwijs, onze studenten en het werkveld. Ook wil ik veel aandacht voor een goede en gezonde werkomgeving. Zeker in deze tijden wordt duidelijk hoe belangrijk oprechte aandacht is. Daar gaat iedereen beter van presteren. Dat moet hoog op de prioriteitenlijst blijven.

Waar liggen volgens jou de grootste uitdagingen?
De grootste uitdagingen liggen waarschijnlijk op het gebied van funding. Er ontstaan nieuwe mogelijkheden om een steeds grotere rol in het Europese innovatie- ecosysteem te gaan spelen, maar daar moeten nog wel stappen gezet worden. Intern in onze organisatie, maar zeker ook op het niveau van lobby en zichtbaarheid van hogescholen in Europa. Daar wordt aan gewerkt, maar zal niet een twee drie geregeld zijn.

Hoe vergaat jou het omgaan met thuiswerken en de onzekerheden van een pandemie?
Ik ben erg blij dat ik, net voor de pandemie uitbrak, een aantal grote persoonlijke stappen heb gezet. Dat waren een verbouwing, verhuizing (van Amsterdam-Noord naar Hilversum) en het afronden van mijn tweede master. Het thuiswerken heeft mij op een bepaalde manier ook rust gegeven. Het gejaagde is er voor een groot deel afgegaan door het thuiswerken. De combinatie met thuis lesgeven is een ander verhaal. Dat vind ik heel intensief, vooral met kleintjes in de kleuterklas en groep drie. Ze hebben veel begeleiding en aandacht nodig. Aan de andere kant laat het ook zien dat thuisonderwijs mogelijk is. Misschien wil ik ooit wel een lange reis maken met het gezin, buiten de schoolvakanties om. Ik kan dan in ieder geval aantonen dat dit mogelijk is zonder dat mijn kinderen leerachterstand oplopen. Dat is een interessant gegeven.”