Gemeenteraadsverkiezingen: Laat bewegen geen bijzaak zijn
Nieuws
Het is bijna 18 maart. Dat betekent dat tientallen gymzalen in Amsterdam dagenlang voor kinderen worden gesloten, omdat ze worden gebruikt als stemlokaal. En buiten scheuren fatbikes langs de scholen en de pleinen. Dus daar kunnen ze ook niet veilig spelen. Verkiezingen betekenen voor veel kinderen: weinig bewegen.
Heeft u het plaatje? In de Amsterdamse politiek gonst het alweer richting de gemeenteraadsverkiezingen en de daaropvolgende coalitieonderhandelingen. Wat mij opvalt vanuit mijn expertise op het gebied van Bewegen in en om School, is dat er wel heel weinig aandacht gaat naar dagelijks bewegen. In campagnes en partijprogramma’s. Het gaat over woningen bouwen, over een leefbare stad. Soms gaat het over sport. Maar of een nieuw college dagelijks regelmatig bewegen structureel durft te verankeren in het onderwijsbeleid?
Amsterdam heeft de afgelopen jaren belangrijke stappen gezet. De stad begrijpt wat onderzoek al langer aantoont: regelmatig bewegen tijdens de schooldag is essentieel voor het welbevinden, de hersenwerking, voor de sociale verbinding en voor de ontwikkeling van onze jeugd. De gemeente zet dan ook terecht al in op vakleerkrachten bewegingsonderwijs, de Ondersteuningsroute Bewegen en Motoriek, de Dynamische Schooldag en de ontwikkeling van Bewegen in en om School-teams. Maar in een stad waar ongeveer één op de vier jonge kinderen een motorische achterstand heeft, is dat geen luxe. Dat is noodzaak. Juist daarom moeten we consequent zijn.
Het is lastig uit te leggen dat op verschillende Amsterdamse scholen de gymzalen worden ingericht als stembureau. Opbouw, verkiezingsdag, afbouw – dat betekent dat minimaal 27 gymzalen drie dagen niet gebruikt worden voor gymlessen, naschools beweegaanbod en lessen van sportverenigingen.
Natuurlijk: verkiezingen zijn het hart van onze democratie. Maar als we goed leren bewegen erkennen als basisvaardigheid, hoort de gymzaal ook tijdens de verkiezingen beschikbaar te zijn voor bewegen. Wat is er gek als basketballende kinderen in de zaal, waar volwassenen in een naastgelegen lokaal of op de gang hun stem uitbrengen? Het is misschien rumoerig, maar je kunt ook op volle stations stemmen. Of naar een ander stembureau gaan.
En als dagelijks bewegen voorrang krijgt, laten we dan ook gelijk het beoogde fatbikeverbod uitbreiden van het Vondelpark naar de straten rondom scholen. Te beginnen met de verkiezingsperiode. Ja, dat is snel, maar ook zo laat je als gemeente zien dat je structureel over bewegen nadenkt.

Bewegen in en om school raakt onderwijs, sport, zorg, jeugdbeleid, verkeer en openbare ruimte. En daar zit precies het probleem: zolang deze domeinen los van elkaar opereren, blijft bewegen afhankelijk van tijdelijke projecten en goede bedoelingen. Samenhangend beleid is er nodig, met duidelijke bestuurlijke verantwoordelijkheid. Onderwijs moet structureel mede-eigenaar zijn van het beweegbeleid. Verkeersmaatregelen rond scholen moeten aansluiten bij ontwikkelambities van bewegen in en om school. Ruimtelijke keuzes en (nieuw)bouw van schoolaccommodaties moeten de ontwikkeling, het leren en gezond opgroeien, waarin bewegen essentieel is, ondersteunen.
Wie bewegen belangrijk vindt, moet het er ook in de verkiezingen over hebben.

MIrka Janssen
lector Bewegen in en om School
Mijn oproep aan de campagnevoerende partijen en aan de nieuwe gemeenteraad is duidelijk: maak van goed leren bewegen en dagelijks regelmatig bewegen een integraal onderdeel van het onderwijsbeleid. Met scholen als ankerpunten in de wijk en concrete keuzes in ruimte, infrastructuur en samenwerking tussen gemeentelijke afdelingen.
Niet omdat bewegen “leuk” is. Maar omdat het de basis vormt voor welbevinden, ontwikkelen, gezond opgroeien en gelijke kansen in onze stad.