STROOM: klimaatbestendige herinrichting van jaren ’50- en ’60-wijken
Project
In naoorlogse wijken uit de jaren ’50 en ’60 is ruimte over. Gemeenten benutten die graag voor nieuwe woningen. Maar bouwen binnen de bestaande stad - inbreiding - kan het water- en bodemsysteem onder druk zetten. De Hogeschool van Amsterdam (HvA) onderzoekt samen met een breed consortium hoe je de woonopgave en klimaatbestendigheid tegelijk aanpakt.
Water en bodem als vertrekpunt
Nederland staat voor een forse woonopgave. Een voor de hand liggende oplossing is inbreiding: nieuwe woningen bouwen binnen bestaande wijken, op lege kavels of door verdichting. Naoorlogse wijken uit de jaren ‘50 en ‘60 lenen zich hier goed voor, omdat hier nog relatief veel groen en open ruimte aanwezig is. Inbreiding brengt echter risico’s mee. Extra bebouwing en meer asfalt, beton en tegels (verharding) betekenen hogere temperaturen in de wijk, meer wateroverlast bij hevige regenbuien en minder mogelijkheden voor de bodem om water op te nemen - iets wat juist cruciaal is voor een klimaatbestendige stad.
In het project STROOM wordt onderzocht hoe inbreiding klimaatbestendig kan plaatsvinden. Centraal staat het principe ‘water- en bodemsturend’: de gedachte dat de toestand van de bodem en het watersysteem bepalend zijn voor wat je bouwt en hoe je dat doet. Dit principe is verankerd in de Omgevingswet, die gemeentes verplicht om ruimtelijke keuzes integraal af te wegen. STROOM biedt na afronding een handelingsperspectief voor gemeenten, waterschappen en woningcorporaties: een praktische gids met kritische succesfactoren, ontwerpprincipes en beleidsadviezen.
Van analyse naar ontwerpateliers
STROOM werkt vanuit drie samenhangende werkpakketten. In het eerste pakket worden bestaande inbreidingsprojecten vanuit partnersteden geanalyseerd via interviews, veldwerk en documentstudie. Zo worden succesfactoren in kaart gebracht. Het tweede pakket verdiept zich in lopende masterplannen van partnersteden en verkent nieuwe mogelijkheden voor klimaatbestendige inbreiding via ontwerpateliers; dit samen met partners als gemeenten, waterschappen en architectenbureau KAW. In het derde pakket worden alle bevindingen bijeengebracht in een handelingsperspectief met ontwerpprincipes, beleidsadviezen en procesaanbevelingen. De aanpak combineert terugkijken op wat al bestaat met vooruitdenken over nieuwe oplossingen. Dit zorgt ervoor dat de uitkomsten direct toepasbaar zijn in de praktijk.
Studenten in de wijk
Studenten van verschillende hogescholen worden actief betrokken bij STROOM, via minoren, afstudeerprojecten en praktijkopdrachten. Vanuit de HvA nemen studenten van de opleiding Built Environment deel, onder andere via de minor Klimaatbestendige Stad. Ze werken aan casestudies en dragen bij aan zowel het evaluerende als het ontwerpende onderzoek. De studenten doen hiermee vaardigheden op als klimaatadaptief ontwerpen en systeemdenken, en verrijken tegelijkertijd het onderzoek met nieuwe invalshoeken.
Team
- Jeroen Kluck (lector, Lectoraat Klimaatbestendige Stad)
- Monserrat Budding-Polo Ballinas (onderzoeker en projectcoördinator)
- Sába Schramkó (onderzoeker)
Partners en financiering
STROOM wordt uitgevoerd door een breed consortium van hogescholen, overheden, woningcorporaties en ontwerpbureaus. Penvoerder is Hogeschool Van Hall Larenstein, in samenwerking met de Hogeschool van Amsterdam, Hogeschool Saxion en Hanze Hogeschool. Overige consortiumpartners zijn KAW architecten, Veenvesters, Welbions, de gemeenten Veenendaal, Groningen, Het Hogeland, Haarlem, Uithoorn en Hengelo, de waterschappen Vallei en Veluwe, Noorderzijlvest, Amstel Gooi en Vecht en Vechtstromen, Hoogheemraadschap van Rijnland, en de bureaus Felixx Landscape Architects & Planners, IAA Architecten en Bureau PAU. Het project wordt gefinancierd door Regieorgaan SIA, onderdeel van NWO, via de subsidielijn Praktijkkennis voor Water en Bodem (Thematische vraagstukken 2025).
Lectoraat Klimaatbestendige Stad
STROOM sluit direct aan bij de onderzoekslijn van het Lectoraat Klimaatbestendige Stad, dat water- en bodemsystemen centraal stelt in stedelijke ontwikkeling. De HvA draagt bij aan alle drie de werkpakketten: van evaluerend onderzoek en ontwerpateliers tot de synthese en verspreiding van kennis. STROOM verbindt onderwijs, onderzoek en praktijk via casestudies, ontwerpateliers en kennisdeling met partners. Het lectoraat positioneert zich hiermee als kennispartner voor klimaatbestendige gebiedsontwikkeling en STROOM legt de basis voor een meerjarige onderzoekslijn rond water en bodem in de gebouwde omgeving.