Logo Hogeschool van Amsterdam - Link naar startpaginaLogo Hogeschool van Amsterdam - Link naar startpagina

Nederland heeft dorst

Nieuws
Nederland heeft dorst

De zomer is alweer even op gang en Nederland is alweer alarmerend droog. Ted Veldkamp, onderzoeker klimaatadaptatie aan de Hogeschool van Amsterdam en lector Klimaat en Water bij Centre of Expertise HRTech van Hogeschool Rotterdam, onderzoekt hoe droogte in de stad zich ontwikkelt en hoe je tijdig kunt ingrijpen.

Een warme zomerdag in een Amsterdamse straat. De lucht boven het asfalt trilt, de lindebomen staan er wat slapjes bij. Weinig aan de hand, zo lijkt het. Maar schijn bedriegt. ‘Zodra het groen er verdord uit begint te zien, ben je eigenlijk al te laat. Dan kun je eigenlijk alleen nog maar schade herstellen,’ zegt Veldkamp.

Het jaar 2026 behoort straks mogelijk tot de vijfentwintig procent droogste jaren in de geschiedenis van ons land, als het warme en droge weer aanhoudt. Op hoge zandgronden is de uitdroging al zichtbaar: beken en poelen vallen droog en de eerste bosbranden van het seizoen zijn alweer een feit. In de bebouwde omgeving sluipt de droogte stiller naar binnen. Funderingen verzakken, bomen sterven af, en de hitte stapelt zich op in beton en asfalt. ‘Wat we nu extreem droog noemen, is de nieuwe realiteit,’ aldus Veldkamp. ‘Dat vraagt om een andere omgang met water en een andere inrichting van ons watersysteem.’

Meten en monitoren vóór de crisis
Het lectoraat Klimaatbestendige Stad van de HvA doet volop onderzoek naar droogte in stedelijke omgevingen. Zo werken Veldkamp en 
haar HvA-collega’s Jeroen Schoonderbeek, Reinder Brolsma en Dante Föllmi in het Nederlandse project Thirsty Cities samen met steden die vooroplopen in klimaatadaptatie. Doel: het handelingsperspectief van praktijkpartners vergroten. ‘Als we begrijpen hoe droogte precies werkt in de stad kunnen we daarna met gerichte maatregelen komen, zowel preventief als in acute situaties,’ legt ze uit.

In samenwerking met Rioned meten en monitoren onderzoekers, verbonden aan het lectoraat, infiltrerende voorzieningen: wadi’s, doorlaatbare wegen en waterpleinen die regenwater de bodem in helpen. Dat water kan worden geborgen en later worden hergebruikt. ‘We leren veel,’ vertelt Veldkamp. ‘Bijvoorbeeld over het gebruik van water en over hoe gebiedspartijen, zoals Rijkswaterstaat, waterschappen en boeren, omgaan met droogte.’ 

2026 is een jaar van inventarisatie, in september worden de eerste inzichten verwacht. Daarna volgen studies om te komen tot concrete ontwerpen en spelregels in de praktijk. Over twee à drie jaar zijn de resultaten compleet.

Gemeenschappelijke strategie
Veel gemeenten zijn zich bewust van de droogte, maar lossen het probleem nog te vaak lokaal op, benadrukt Veldkamp. Een boom een extra scheut water geven, snel ingrijpen als het mis dreigt te gaan. Begrijpelijk, maar onvoldoende. ‘Je zou meer regionaal moeten kijken. Overleggen met het waterschap over wat je samen kunt doen. En een gemeenschappelijke strategie ontwikkelen voor hoe je water op een eerlijke en duidelijke manier verdeelt.’

Proeftuinen in Rotterdam en Amsterdam laten zien hoe zo’n strategie eruit kan zien. Met zogenoemde urban water buffers bergen de steden miljoenen kubieke meters water op in de ondergrond; het komt beschikbaar wanneer het nodig is. ‘Dat is watermanagement op een veel grotere schaal dan de aanleg van een waterbergende weg of een enkel waterplein,’ zegt Veldkamp. Uiteindelijk gaat het om de mate van zelfvoorziening: water zoveel mogelijk opvangen, opslaan en geschikt maken voor hergebruik. ‘Ieder voor zich werkt daarbij niet. Water kun je immers maar één keer verdelen.’

Zonder water geen groen
Gemeentes hun gebouwde omgeving massaal aan het vergroenen. Een goede ontwikkeling, want groen verkoelt, houdt water vast en verbetert de leefkwaliteit. Maar groen heeft ook water nodig, en dat besef is er volgens Veldkamp nog te weinig. ‘Het is cruciaal om al voor de aanleg van het groen de waterbehoefte veilig te stellen. Maar een integraal groen- en waterplan, daar ontbreekt het nu vaak nog aan.’ In koplopersteden zoals Rotterdam en Amsterdam begint het besef al te landen, en de HvA probeert deze gedachte breed uit te dragen.

Veldkamps boodschap aan beleidsmakers en bedrijfsleven is helder: neem waterbeschikbaarheid niet als vanzelfsprekend aan. ‘Zorg dat je je bewust bent van hoeveel water er nodig is. Voor het onderhoud van groen, maar ook om een gebouw overeind te houden of een omgeving te laten functioneren. En bereid je waar mogelijk al op droogte voor. Verminder watergebruik, vang regenwater op.’ De prijs die we nu betalen voor drinkwater staat in geen verhouding tot de werkelijke waarde ervan. Maar dat gaat veranderen.

Droogte is geen ver-van-mijn-bed-show meer. Het is een structureel vraagstuk dat vraagt om nieuwe inzichten, slimme ontwerpen en een andere cultuur rondom water. Veldkamp en haar collega’s bouwen stap voor stap aan de kennis die hiervoor nodig is. ‘Want een stad die weet hoe ze met droogte omgaat, is een stad die leefbaar blijft.’

Lectoraat Klimaatbestendige Stad
Het lectoraat Klimaatbestendige Stad van de HvA onderzoekt al meer dan vijftien jaar hoe steden zo kunnen worden ingericht dat mensen er ook in de toekomst prettig kunnen wonen, ondernemen en verblijven. De focus ligt op hitte, droogte, water en biodiversiteit. Het lectoraat ontwikkelt aanpakken, tools en richtlijnen die gemeenten helpen om klimaatverandering het hoofd te bieden, met speciale aandacht voor de leefbaarheid van kwetsbare wijken.
 

Lees meer