Leren door simuleren bij HBO-Verpleegkunde
Nieuws
Bij de opleiding HBO-Verpleegkunde wordt sinds een jaar virtual reality (VR) ingezet binnen het simulatieonderwijs van de minor Intensief Klinische Zorg (IKZ). Met deze innovatie – in de vorm van VR en geavanceerde oefenpoppen – krijgen studenten realistische en interactieve oefensituaties aangeboden. Dit ondersteunt hen bij het ontwikkelen van klinisch redeneren, verpleegtechnische en communicatieve vaardigheden in een veilige omgeving, zodat zij beter voorbereid aan hun stage beginnen. Op termijn kan dit mogelijk bijdragen aan het verminderen van de druk op stageplaatsen. Docent Kris Laan is vanuit Team Educational Technology betrokken bij dit project.
Waarom zijn jullie met dit project gestart?
Uit prognosemodellen blijkt dat het arbeidsmarkttekort in de zorg in Nederland de komende jaren verder toeneemt. Dit leidt tot een merkbaar tekort aan stageplaatsen en het is dan ook niet ondenkbaar dat de mogelijkheden om praktijkervaring op te doen verder onder druk komen te staan. Om studenten ook in de toekomst voldoende praktijkervaring te kunnen bieden zoeken we naar alternatieve opleidingsmethoden. Daarnaast biedt VR simpelweg didactische meerwaarde: studenten kunnen in een veilige omgeving complexe vaardigheden oefenen, fouten maken zonder risico voor cliënten en scenario’s zo vaak herhalen als nodig. Bovendien maakt VR het mogelijk om praktijkervaring op te doen, onafhankelijk van tijd en plaats.
Hoe hebben jullie het aangepakt?
We zijn een pilot gestart waarin het simulatieonderwijs werd gegeven als keuzeonderwijs (3 bijeenkomsten) dat beschikbaar gesteld is voor alle derdejaarsstudenten die in de periode van sept 2024 – jan 2025 stage jaar 3 liepen. Deelname en actieve participatie mocht worden gebruikt ter vervanging van één van de stage opdrachten omdat er aan dezelfde competenties werd gewerkt.
De werkvormen bestonden uit interactieve VR-simulaties (met UbiSim) welke werden afgewisseld door simulaties met geavanceerde oefenpoppen (Laerdal). Studenten werkten in groepen en wisselden tussen de rollen van verpleegkundige, moderator en observator. Prebriefing en debriefing waren essentieel, om reflectie en leeropbrengsten te optimaliseren. Daarnaast hebben we veel tijd geïnvesteerd in het netwerken en leren van de methodes die bij andere instellingen worden gehanteerd. In UbiSim hebben we onze scenario’s gebaseerd op bestaande scenario’s uit de database en deze aangepast naar het gewenste niveau voor jaar 3. Er werden gevalideerde vragenlijsten gebruikt om de pilot te evalueren.
De implementatie bestond uit vier fasen: een technische voorbereidingsfase, onderwijsontwerp, professionalisering en een pilot, gevolgd door de daadwerkelijke uitvoering in het huidige studiejaar.

Waarom hebben jullie gekozen voor implementatie in jaar 3?
De overgang van het tweede naar het derde jaar is voor veel studenten een grote stap, zeker wanneer zij direct in een ziekenhuis starten zonder eerdere ziekenhuiservaring. Om hen beter voor te bereiden, is ervoor gekozen de pilot te koppelen aan de start van de derdejaars stage. Op die manier krijgen studenten vooraf een duidelijk beeld van de verwachtingen en kunnen zij gericht toewerken naar het vereiste niveau.
Kun je iets zeggen over de resultaten van de pilot?
Studenten gaven aan zich na deelname aan de pilot zelfverzekerder te voelen om te handelen in acute situaties. Uit de analyses bleek, na het volgen van simulatieonderwijs met VR en oefenpoppen, een duidelijke stijging in zelf gerapporteerde bekwaamheid. Met name op domeinen klinisch redeneren, handelen onder druk en prioriteren in acute situaties scoorden de studenten aanzienlijk hoger. Ook gaven studenten veel complimenten over de pilot en de manier van lesgeven.
Na de positieve resultaten uit de pilot is gestart met de daadwerkelijke uitvoering. De werkvormen zoals deze werden ingezet in de pilot worden nu ook ingezet in de minoren IKZ en Kind gevorderd en in de modules Spoedeisende verpleegkunde en Acute zorg van de duale opleiding.
Welke uitdagingen waren er tijdens de pilot en verdere uitrol?
Uitdagingen waren het vinden van voldoende geschikte lokalen, technische storingen, AVG- en privacykwesties en beheer van de hard- en software. Door vroegtijdige planning, technische ondersteuning en duidelijke afspraken werden deze risico’s beperkt en opgelost vóór het uitvoeren van de pilot. Dit was vooral mogelijk dankzij de intensieve ondersteuning én het bestaan van het Smart Health and Vitality Lab als expertisecentrum binnen de faculteit. Op dit moment zit de uitdaging vooral nog in de didactische ondersteuning tijdens het VR simulatieonderwijs.
Hoe ziet de toekomst eruit?
We zien dat de methode bijdraagt aan het opdoen van nieuwe kennis en vaardigheden voor studenten en dat studenten het een realistische manier van oefenen vinden die ze vaker willen toepassen. De implementatie van simulatieleren met afwisselend VR en oefenpoppen is nu een vast onderdeel in twee minoren en twee duaal modules. We zijn momenteel aan het onderzoeken hoe we dit verder kunnen uitbreiden naar andere onderwijsmodules.
Naast verpleegkunde zien we natuurlijk ook potentieel voor bredere toepassing in andere gezondheidszorgopleidingen. Maar denk ook aan de mogelijkheden voor professionalisering in de praktijk: met behulp van VR ben je bijvoorbeeld in staat professionals in een veilige omgeving te trainen in weinig, veel voorkomende of zeer specialistische scenario’s. Dergelijke toepassingen in de praktijk zijn voor elke sector denkbaar en op veel plekken wordt VR dan ook al actief ingezet.

Aanvullende informatie
Het project kon met behulp van een Comeniusbeurs worden gerealiseerd en wordt uitgevoerd in samenwerking met het Smart Health and Vitality Lab.
Wil je meer weten? Neem contact op met collega Kris Laan. Kris en zijn enthousiaste collega’s uit het projectteam vertellen je graag meer.