Hogeschool van Amsterdam

Urban Vitality

Actuele kwestie: coronavirus

22 apr 2020 12:35 | Faculteit Gezondheid

Hoe gaan HvA-medewerkers om met de coronacrisis? Wij spraken drie HvA'ers die vanuit hun werk een bijzondere kijk hierop hebben: de schoonmaker, de methodoloog én epidemioloog, en een docent Verpleegkunde die tijdelijk meewerkt op de intensive care.

Willemke Stilma aan het woord

Willemke Stilma is docent-onderzoeker bij de opleiding Verpleegkunde en springt momenteel bij op de intensive care van Amsterdam UMC.

1. Hoe kijk jij vanuit je werk naar corona?

‘Toen ik laatst door de stad fietste naar het ziekenhuis en mensen dicht op elkaar zag staan, riep ik meteen: “Hey jongens, wel een beetje afstand houden!” Want ik fiets op dat moment naar de frontlinie, terwijl zij elkaar in het gezicht staan te hoesten. Op de IC zie ik de gevolgen van een besmetting, iets waar mensen thuis zich moeilijk een voorstelling van kunnen maken. Door mijn werk op de IC met COVID-19 patiënten zie ik hoe er verpleegkundig leiderschap wordt getoond: de IC-verpleegkundige moet nu heel goed coördineren en communiceren met drie tot vier verpleegkundigen en artsen van andere afdelingen om de juiste zorg te kunnen leveren aan deze patiënten. En dan ook nog onder hoge druk.’

2. Wat doet het persoonlijk met je?

‘Ik vind het fijn dat het verouderde beeld van de “zuster” bij de meeste mensen is bijgesteld, nu de IC en het werk van de verpleegkundigen zoveel in beeld gebracht wordt. Voorheen werd er gedacht dat we alleen basiszorg doen, zoals patiënten wassen. Maar het is natuurlijk veel meer dan dat: klinisch redeneren, verpleegtechnische handelingen, de grote verantwoordelijkheid die je hebt… Het doet me goed dat hier nu in de media meer aandacht voor is. Voordat ik met dit werk begon was ik wat onzeker: ben ik wel veilig? Wat als er onvoldoende beschermingsmiddelen zijn? Gelukkig blijkt er nu genoeg bescherming te zijn, en ben ik niet bang voor besmetting. Het werk is pittig, maar heeft me nog niet persoonlijk geraakt. Doordat ik eerder tien jaar op de IC heb gewerkt, ben ik gewend aan heel zieke mensen.’

3. Waar mag meer aandacht voor komen in het debat over corona?

‘De focus ligt nu heel erg op het aantal IC-bedden en de beschermingsmaterialen, maar er mag van mij ook meer aandacht komen voor de positie van verpleegkundigen. Iedereen weet dat we nodig en belangrijk zijn, maar als er salarisonderhandelingen zijn, zeggen ziekenhuisbestuurders: we kunnen verpleegkundigen echt niet meer betalen. Dat klopt gewoon niet. Ik hoop dat de huidige waardering ook van invloed is op de zeggenschap, ontwikkelingsmogelijkheden en financiële waardering van verpleegkundigen in te toekomst.’

Gerben ter Riet aan het woord

Gerben ter Riet is arts-methodoloog bij het team Onderwijs en Onderzoek van de faculteit Gezondheid en de faculteit Bewegen, Sport en Voeding binnen de HvA.

1. Hoe kijk jij vanuit je werk naar deze coronacrisis?

‘Wat me opvalt is dat in deze coronatijden een stortvloed van wetenschappelijk onderzoek naar COVID-19 over ons wordt uitgestort. Het schiften van zin en onzin is nog moeilijker dan normaal. Veel basale kennis ontbreekt over het virus. Het is een boeiend mengsel van onrijpe wetenschap, economie en ethiek. Door de haast om snel resultaten te verkrijgen, loop je risico op onzorgvuldig onderzoek. Met onze OpenScience supportdesk op de HvA proberen we onder andere onzorgvuldig onderzoek te tackelen: we ondersteunen onderzoekers bij al hun onderzoeksvragen. Ik pleit steeds vaker voor slow science, eerst goed nadenken en dan publiceren. Maar ik begrijp dat dit in corona tijd soms lastig is.’

2. Wat doet het persoonlijk met je?

‘Ik heb er niet veel last van dat mijn sociale contacten nu op een lager pitje staan. Wat dat betreft helpt het dat ik een beetje een einzelgänger ben. Mijn vrouw en ik proberen het thuis gezellig te maken met mijn kinderen van 16 en 18, door lekkerder te koken en af en toe samen te lunchen. Mijn oudste moet eindexamen doen en dat is spannend. Want thuis heeft hij nog minder discipline om aan de studie te gaan, dan wanneer hij nog les zou krijgen. Ik vind het fijn dat ik geen reistijd meer kwijt ben om naar de HvA te fietsen: vanuit Maarsen kost dat zo’n twee uur per dag. Nadeel is dat ik veel minder lichaamsbeweging heb. Nu doe ik gymnastiekoefeningen in de tuin, zoals opdrukken en planken. Tennis, mijn passie, mis ik erg.’

3. Waar mag meer aandacht voor komen in het debat?

‘Het gaat vooral over het redden van levens. Levens kun je niet in feite niet redden, wel levensjaren. Stel je voor dat je je niet richt op het redden van levens, maar op het zo groot mogelijk maken van het aantal voor kwaliteit-van-leven gecorrigeerde levensjaren (QALY’s) voor alle Nederlanders. Welk beleid zou daaruit voortvloeien? Daar ben ik wel benieuwd naar. In de pers is daarover ook kort gediscussieerd na soortgelijke opmerkingen van professor Ira Helsloot. Maar zorgvuldig rekenwerk vergt meer tijd. Kwetsbare mensen in verpleeghuizen leven misschien langer door onze “intelligente” lock-down, maar hun kwaliteit van leven gaat sterk achteruit. Velen van hen hadden voor de crisis al doodswensen. Hoe weegt dat op tegen een grote economische recessie en de armoede voor vele anderen die daaruit voortvloeit?’

Nenko en Sunbul aan het woord

Nenko is schoonmaker bij de faculteit Bewegen, Sport en Voeding, en heeft de afgelopen periode ook bijgesprongen bij de faculteit Gezondheid. Al vanaf eind februari maakt hij lange dagen, om de kans op besmetting met het coronavirus hier zo klein mogelijk te maken. Hoe komt hij deze tijd door? Nenko vertelt het samen met de voorman, Sunbul, die voor hem vertaalt.

1. Hoe beïnvloedt corona jullie werk?

Nenko: “Het is een drukke tijd. Al vanaf 8 maart maken we de gebouwen extra goed schoon. De toiletten zijn het belangrijkst, die poetsen we bijna continu. We nemen alle deurklinken af, we letten op vingerafdrukken… Op het hoogtepunt zijn we uren achter elkaar bezig geweest, en we werkten regelmatig zonder pauze.”

Sunbul: “Het is veel werk. Maar schoonmaken is altijd veel werk. Er is nu niemand meer in het gebouw, daarom hebben we de vloeren in de boenwas gezet. In het Nicolaes Tulphuis hebben we onze collega’s geholpen, en alle toiletpotten onder meer schoongeschrobt. Het blijft daar wel minder schoon; hoe dat komt weten we niet. Misschien meer studenten die de toiletten gebruiken. Ook is er in het Nicolaes Tulphuis een nieuw vloerkleed gekomen in de bibliotheek en hebben we daar schoongemaakt.”

2. Wat doet deze coronacrisis persoonlijk met jullie?

Nenko: “Mijn familie zit grotendeels in Bulgarije en zij zijn gelukkig gezond en veilig. Tegelijk blijven wij in de HvA aan het werk; we zijn niet heel bezorgd om besmet te raken. We doen gewoon ons werk.”

Sunbul: “Het is ook wel fijn om hier blijven komen. Want thuis word ik zowat gek. Vooral van mijn vrouw, ” grapt hij. “Elke dag wil ze stofzuigen en dweilen; natuurlijk maak ik thuis óók schoon. Maar het is wel extreem, ik kan daar nooit rustig zitten, daarom vlucht ik weleens hiernaartoe.”

3. Waar mag meer aandacht voor komen in het huidige debat?

Sunbul: “De directeur van ons schoonmaakbedrijf is een paar keer op tv geweest, om te zeggen dat het zo goed is dat wij dit werk doen. Leuk dat hij voor de camera complimenten geeft, maar daar hebben wij niet direct wat aan. We hebben liever wat meer salaris. En we hebben niet zoveel bescherming; we dragen wel handschoenen, maar hebben verder geen beschermende brillen of kleding."

Nenko: "We doen ons werk graag, ikzelf doe dit al dertig jaar bij de HvA, maar wat meer salaris zou voor ons schoonmakers echt heel welkom zijn.”