Hogeschool van Amsterdam

Nynke van Dijk decaan Bewegen, Sport en Voeding en Gezondheid

4 jun 2020 11:00 | Faculteit Bewegen, Sport en Voeding

Het College van Bestuur van de Hogeschool van Amsterdam (HvA) heeft Nynke van Dijk benoemd tot decaan van de faculteiten Bewegen, Sport en Voeding (FBSV) en Gezondheid (FG). Van Dijk zal op 1 september 2020 beginnen bij de HvA. Tot die tijd blijft Irene Sparreboom de functie waarnemen.

Met haar achtergrond als arts-epidemioloog en onderwijskundige verbindt Van Dijk (1977) zowel de medisch-wetenschappelijke als onderwijskundige professionals. Sinds 2015 is zij hoogleraar Medisch Onderwijs en Opleiden aan de UvA. Daarnaast is zij lid van het managementteam van de Huisartsopleiding en afdeling Huisartsgeneeskunde van het Amsterdam UMC, locatie AMC. In deze functie, maar ook in eerdere posities, heeft Van Dijk ruime ervaring opgedaan met het ontwikkelen en implementeren van onderwijsvernieuwingen en de bestuurlijke verantwoordelijkheid daarvoor.

De opgave waar Van Dijk bij de HvA voor komt te staan is, naast alle uitdagingen die de coronacrisis met zich meebrengt, enerzijds de vertaling van relevante ontwikkelingen binnen het hoger onderwijs en de metropool Amsterdam naar de beide faculteiten en de hogeschool en anderzijds het leiding geven aan en verbinden van twee eigenstandige faculteiten.

Huib de Jong, voorzitter van het College van Bestuur (CvB) toont zich enthousiast over Van Dijk. ‘Nynke is een verbindende persoonlijkheid die sterk door inhoudelijke belangstelling voor de vakgebieden binnen de faculteiten wordt gedreven. Door haar brede ervaring met onderwijsontwikkeling op alle niveaus binnen het hoger onderwijs, is zij in staat de opleidingen waar nodig te enthousiasmeren voor een volgende stap in hun ontwikkeling, in het bijzonder ook waar het gaat om de integratie van onderwijs en praktijkgericht onderzoek. Gezien haar indrukwekkende staat van dienst, kennis van zaken van zorg en onderwijs én passie voor het opleiden van professionals, ben ik ervan overtuigd dat zij de juiste vrouw op de juiste plaats is.’