Hogeschool van Amsterdam

Kenniscentrum Techniek

Open Lab Ebbinge

Durf te leren van de onverwachte waarden van tijdlelijke invulling

Open Lab Ebbinge was een initiatief voor de tijdelijke invulling van het Ciboga-terrein nabij het centrum van Groningen. Nadat in de jaren ’90 de meeste gebouwen op het oude industrieterrein werden gesloopt en een ondergrondse parkeergarage aangelegd, liepen de plannen voor woningbouw begin jaren ‘00 vast op financiering. Overlast van junkies, verloedering en gebrek aan aanloop volgden. Ondernemers in en rond de nabijgelegen Nieuwe Ebbingestraat kwamen in actie en stapten met een plan voor tijdelijke publieksfuncties op het dak van de parkeergarage naar de gemeente Groningen.

Samen met een aantal kunstenaars en creatieve ondernemers wordt Stichting Open Lab Ebbinge Exploitatiemaatschappij opgericht. Met steun van de gemeente ontwikkelden zij vanaf 2011 het terrein tot een creatief kwartier met tijdelijke paviljoens en een evenemententerrein. Na ruim 5 jaar verlieten de laatste ondernemers in 2017 het terrein en werd een beperkt aangepaste versie van de geplande woningbouw uitgevoerd.

Als gevolg van Open Lab Ebbinge is het gebied enorm opgeknapt. De overlast is verdwenen en de winkelpandjes in de Nieuwe Ebbingestraat die naast het gebied ligt waar de meeste overlast werd ervaren, zijn weer gevuld. Open Lab Ebbinge is in die zin een succes. Tegelijkertijd is het bijzondere, open en aantrekkelijke karakter dat met de tijdelijke invulling ontstond maar beperkt behouden in de definitieve wijk: levendigheid komt nu van jonge gezinnen en studenten met een ruime beurs, heel andere bewoners dan de artiesten, alternatieven en zelfstandigen die de transformatie van het gebied op gang brachten. Dit roept de vraag op wat is geleerd van de tijdelijke invulling en of dat niet meer had kunnen zijn.

Kim von Schönfeld, promovendus bij Wageningen University & Research

“Open Lab Ebbinge wordt gezien als pionier en succesverhaal op het gebied van tijdelijke gebiedsontwikkeling. Met recht: ze waren één van de eersten en vormden nationaal en internationaal een inspiratiebron voor vergelijkbare ontwikkeling van vele andere plekken. De tijdelijke activiteiten hebben bovendien het gebied op de kaart gezet en gezorgd voor opwaardering van de buurt en versterking van de lokale economie. Wat dat betreft is het dus zeker geslaagd te noemen.”

“De gemeente zegt nu: dit is leuk, dit gaan we op meer plekken doen. Tijdens de slotbijeenkomst van Open Lab Ebbinge werden dan ook vooral nieuwe tijdelijke projecten op andere locaties gepresenteerd. Met name bij het Suikerunieterrein probeert Gemeente Groningen hetzelfde te doen, terwijl dat eigenlijk een heel ander gebied is. Tijdelijk gebruik wordt gezien als economisch model om een plek op te waarderen maar voor mijn gevoel minder als een manier om kennis en inspiratie op te doen voor het gebied zelf.”

“Tijdelijke invulling kan gebruikt worden om te leren wat kan werken in een wijk en waar mensen graag voor komen. Door Open Lab Ebbinge is bijvoorbeeld duidelijk geworden dat er belangstelling is voor open ruimte zoals het stadsstrand, maar ook voor een expositieruimte en horeca. Nu Open lab Ebbinge is afgelopen, vindt toch voornamelijk woningbouw plaats, bijna precies zoals al jaren geleden is gepland. Een vrij duur Student Hotel met een café, en de bouw van een school, blijken de enige uitzonderingen, maar een open groene ruimte of alternatieve expositieruimte zitten er bijvoorbeeld niet in. Het bijzondere, open en aantrekkelijke karakter dat door de tijdelijke invulling is ontwikkeld is maar beperkt erin gehouden. De groepen die er nu komen, zijn toch weer heel anders – de levendigheid komt van jonge gezinnen en vrij rijke studenten en minder van artiesten, alternatieven of minder bedeelden.”

“Ik begrijp dat de gemeente en ontwikkelaar uiteindelijk weer willen gaan bouwen. Het was denk ik echter voor het gebied interessant geweest als meer gebruik was gemaakt van de door de initiatiefnemers opgedane kennis en het tijdelijke gebruik meer als een lokaal experiment zou worden benut. Succesvolle initiatieven zouden eventueel de kans moeten krijgen om langer te blijven, of om in elk geval mede te bepalen hoe de latere ontwikkeling vorm krijgt. Gebruik een slotbijeenkomst dan bijvoorbeeld ook om gezamenlijk te reflecteren op wat wel en niet heeft gewerkt voor een bepaalde locatie. Zo zorg je via tijdelijkheid toch permanent voor een interessant gebied – al is het via variërende invullingen.”

Hiltje van der Wal, beleidsmedewerker bij gemeente Groningen

“Groningen was een heel sterke ontwikkelende gemeente. Dat deden we vooral met bouwers, ontwikkelaars en corporaties. Maar op de één of andere manier kregen we de woningen op dit terrein niet verkocht. De omgeving had last van het feit dat het een grote bouwput was en drong aan bij de gemeente om iets te doen. De creatieve sector weerde zich ook, die wilde er een creatief kwartier van maken. Toen zijn we gaan kijken of we met hen hier iets konden gaan doen. Dat was intern lastig want dat waren we natuurlijk niet gewend. Samen met een bureau hebben we een plan van aanpak opgesteld en partijen gevraagd om ideeën te bedenken voor het gebied. Daar is Open Lab Ebbinge uit voort gekomen.”

“Open Lab Ebbinge was eigenlijk het eerste initiatief in Groningen dat écht van onderop ontstond. De gemeente heeft het niet bedacht, wij hebben alleen het proces vormgegeven. Dat ging vooral over de vraag: hoe kunnen we zorgen dat allerlei partijen betrokken zijn bij de ontwikkeling van dit gebied? Alleen de creatieve sector vonden wij niet genoeg. De gemeente, UMCG, RUG, ondernemers, bewoners: alle partijen zaten aan tafel. Dat was volgens mij wel innovatief op dat moment, ja.”

“Eén van de grootste leerpunten is dan ook dat je als gemeente plannen niet alleen maakt. Dat je van tevoren oprecht geïnteresseerd bent in wat de stad wil en waar de stad om vraagt. Het is niet meer: we hebben een bestemmingsplan, we gooien het in de inspraak, want dat werkt niet. Dat is niet alleen door Open Lab Ebbinge ontstaan, dat is ook een algemene ontwikkeling. Maar het is inmiddels wel tot het Groninger DNA doorgedrongen. Ik denk dat doordat de gemeente dit mogelijk heeft gemaakt, ook andere groepen in de stad eerder geneigd zijn om bij ons aan te kloppen met een voorstel.”

“Open Lab Ebbinge heeft op verschillende manieren een spin-off gekregen. We hebben alle paviljoenhouders een plek aangeboden op het Suikerunieterrein en er zijn gesprekken geweest om te kijken of we bij andere ontwikkelingen een dergelijke functie kunnen gebruiken. Verder is het programma voor het gebied veel diverser geworden door alle activiteiten die in de tussentijd zijn georganiseerd. We gaan een school en een cultuurcluster bouwen, de RUG heeft extra collegelokalen gebouwd. We hebben studentenwoningen gebouwd. Dus het blijft een heel levendig, druk gebied.”

Gerrit Schuurhuis, kwartiermaker/zakelijk leider

“Open Lab Ebbinge is een experiment geweest om aan de buitenwereld te laten zien wat je in tijdelijkheid met een braakliggend terrein kunt doen. In de huidige tijd lijkt dat niets nieuws, maar toen wij begonnen was het verdomd innovatief. Het waren allemaal initiatieven van onderaf die wij op onorthodoxe wijze begeleidden, waarbij we ons niet altijd aan wettelijke kaders hielden. In het begin moest de gemeente er niets van hebben, maar uiteindelijk zijn ze er heel tevreden over dat wij een aantal zaken hebben gecombineerd: het terrein openstellen en aantrekkelijk maken, events organiseren en mensen er op attent maken dat het een fantastische woonplek is.”

“Sommigen mensen zeggen: dit is zo'n mooi gebied, waarom laat je dit niet bestaan? Waarom moet dit volgebouwd worden? Het is natuurlijk een uniek stukje geworden. Maar goed, de doelen waren anders. Uiteindelijk hebben de gemeente en de ontwikkelaar de meeste invloed op de ontwikkeling van het gebied. Er is in Groningen discussie over of dit misschien wat eenzijdig is, daar ben ik het wel mee eens. We hebben onze diensten ook al aan de ontwikkelaar aangeboden, maar die heeft geen interesse.”

“Op zich vindt de gemeente het jammer dat Open Lab Ebbinge weg is, al zijn er bepaalde afdelingen die nog steeds niet veel met dit soort initiatieven hebben. Wij hebben nu bijvoorbeeld ook twee nieuwe plannen ingediend bij de gemeente en mensen van afdeling Vastgoed doen alsof er nooit een crisis geweest is. Die denken: aan creatieve initiatieven hoeven we geen aandacht te besteden. De huizen verkopen toch wel. Ik ben dus bang dat de goodwill voor dit soort initiatieven alweer voorbij is.”

“Als gevolg van Open Lab Ebbinge is dit gebied enorm opgeknapt. Het was een gribus gebied, maar die overlast is inmiddels absoluut verdwenen. De winkelpandjes in de Nieuwe Ebbingestraat zijn weer gevuld. De huizen die ze hier bouwen worden verkocht als zoete broodjes. Hoe bepaal je nou dat het initiatief wat wij genomen hebben, die waarde heeft gecreëerd? Kun je dat hard maken? Want in dat geval denk je: op naar die vastgoedmensen. Dan kun je zeggen: het creëert voor jullie ook waarde!”

Tijdlijn

2002: Eerste plan van bank, ontwikkelaar, bouwers en Gemeente Groningen voor transformatie CiBoGa-terrein tot woonwijk. De ontwikkeling komt in de jaren erna niet van de grond.

2005: Symposium Groningen Gist, ondernemers Ebbingekwartier denken na over herpositionering en zien kansen als Gemeente zoekt naar creatieve zone voor de stad.

2008: Vervolgmanifestatie Ebbinge Gist, ondernemers komen met plan voor het CiBoGa-terrein: Van Bouwput tot Creatief Platform. Dit plan wordt in de maanden erna verder door hen uitgewerkt en weet gemeente te overtuigen.

2009: Opdracht voor maken bidbook In mei wordt het bidbook ‘Open Lab Ebbinge’ afgerond, startpunt voor aanvraag subsidies.

2010: Oprichting Stichting Open Lab Ebbinge, bouwrijp maken van het gebied.

2011: Bouw van paviljoens van start, matchmaking-events voor ondernemers en activiteiten in de tijdelijke paviljoens.

2012: Opening OLE, ontwikkeling van het tijdelijke gebruik, evenementen in het gebied.

2014: Start bouw Student Hotel en andere permanente bebouwing: gebied komt tot ontwikkeling.

2017: Tijdelijke paviljoens verdwijnen van het CiBoGa-terrein.

Gepubliceerd door  Urban Technology 20 januari 2020