Hogeschool van Amsterdam

Kenniscentrum Techniek

Boeletuin

Voorbij opportunisme: gezamenlijke visievorming bij tijdelijke initiatieven

Een verrassende, tijdelijke groene oase tussen de hoogbouw van de Zuidas en de Vrije Universiteit. Dat was de Boeletuin, een voormalige schoolwerktuin in Amsterdam Buitenveldert. In afwachting van campusuitbreiding stelde de universiteit de locatie beschikbaar aan een bonte mix van groene initiatieven.

Boeletuin

Met een kantine inclusief kippen, moestuintjes, een paddenstoelenkwekerij en een plek voor educatieve activiteiten vormde het een bijzondere locatie waar onderzoek naar groen en gezondheid plaatsvond, studenten gingen lunchen, medewerkers van omliggende kantoren tot rust kwamen en soms ook borrels en feestjes werden georganiseerd. Nadat de beheerder van het terrein besloot vroegtijdig te stoppen, heeft de VU besloten dat de activiteiten – ondanks hun populariteit – in het gebied zouden worden afgebouwd.

Melika Levelt, senior onderzoeker bij de Hogeschool van Amsterdam:

“De Boeletuin was een verrassende, tijdelijke groene oase tussen de hoogbouw van de VU en de Zuidas. Een heel leuk terrein dat echt bestond bij de gratie van een beheerder die een goed lopende kantine had. De VU had hem aangesteld omdat ze één aanspreekpunt wilden en niet met alle verschillende initiatieven aparte contracten wilden afsluiten. Door onderlinge onenigheid besloot de beheerder op een bepaald moment om ermee te stoppen. Gezien de beperkte tijd die resteerde tot start van de bouwactiviteiten heeft de VU toen besloten geen nieuwe uitbater meer aan te stellen.. Voor de VU was de Boeletuin altijd een tijdelijk iets, een middel om levendigheid op de campus te creëren en de verbinding met de Zuidas te maken. Een daktuin op een universiteitsgebouw draagt voor hen bij aan hetzelfde doel. De Boeletuin had echter veel meer functies en was heel toegankelijk vanuit de kantoren en het ziekenhuis in de directe nabijheid als lunch- en ontspanningsplek. De daktuin is dat niet op de zelfde manier. Ondanks het succes van de tuin, is in de plannen van de VU voor de nieuwe campus geen ruimte gemaakt voor een tuin als de Boeletuin, wat sommige initiatiefnemers wel hadden gehoopt. "

"De betrokkenen bij de Boeletuin hadden misschien sterker gestaan als ze gezamenlijk een visie op hun bestaansrecht in het gebied hadden ontwikkeld. Ze zouden een geweldig verhaal kunnen hebben over hun meerwaarde voor de gezondheid van werknemers, het doen van onderzoek naar groen en gezondheid, de sociale functie die de tuin had, de verbinding met de Zuidas enzovoort. Dan waren ze niet alleen afhankelijk geweest van de VU, maar hadden ze bijvoorbeeld ook met de Green Business Club van de Zuidas in gesprek kunnen gaan om een permanente plek in het gebied te krijgen. De verschillende initiatieven bij de Boeletuin lijken echter nooit een duidelijke coalitie te hebben gevormd om gezamenlijk dit verhaal uit te dragen. Het waren allemaal ondernemers op zich."

"Een tijdelijk gebruik van een gebied zoals de Boeletuin is eigenlijk heel opportunistisch tot stand gekomen. Toch is het van belang om in dit soort situaties vooraf samen na te denken over je visie op het initiatief als geheel en als je hier niet makkelijk uit komt, advies te vragen van een onafhankelijke partij die geen commercieel belang heeft bij de tuin. Voor wie doen we dit eigenlijk, waarom hier en wat willen we bereiken? Wil je laten zien dat een bepaald type ruimtegebruik op deze plek bestaansrecht heeft, of zie je de tijdelijke locatie als een kans om je eigen initiatief te ontwikkelen? In hoeverre wil je echt samenwerken? Zo kun je een gezamenlijk verhaal ontwikkelen en je hier ook samen voor inzetten. Op zich is het niet erg om met ondernemers samen te werken die er op bepaalde punten anders instaan, maar dan is het wel goed om dit vooraf te weten. Dan weet je ook dat je sommige dingen alleen zal moeten doen. Verwachtingen duidelijk uitspreken, kan teleurstelling op later moment voorkomen, hoewel de uitvoering natuurlijk soms weerbarstiger blijkt dan wat je vooraf met elkaar bespreekt. In die zin blijft het altijd spannend”

Willem Verduyn en Thijs Hendriks, werkzaam bij Facilitaire Campus Organisatie van de VU

“In 2013 kochten wij de locatie van de gemeente. Vanaf dag 1 was voor ons de vraag: hoe overbruggen we de tijd tussen het moment van aankoop en het moment dat we gaan bouwen? Dat zou op dat moment nog zo’n 3 a 4 jaar duren. Er ontstond direct enorme druk vanuit het parkeerbedrijf, omdat elders op de campus parkeerplekken verdwenen. Gelijktijdig waren wij al in gesprek met leraren die betrokken waren bij de schoolwerktuinen om te kijken of zij een deel van hun activiteiten konden continueren. De groep die uiteindelijk het Groene Leven Lab heeft opgericht ging zich ook ermee roeren. Dus er kwamen al gelijk allerlei spelers bij, terwijl we eigenlijk nog bezig waren met duidelijk krijgen wat we met het gebied gingen doen."

"We zijn toen bij alle initiatieven gaan kijken: wat zijn precies jullie doelstellingen, zodat we de grond op een evenwichtige manier aan iedereen kunnen toedelen. We hebben een akkoord over de exploitatie kunnen sluiten met Niek, een voormalig schooltuinmeester die wel interesse had om voor een paar jaar een restaurant te openen. Want op een bepaald moment hadden we bedacht: dit zou toch een geweldige lunchplek zijn waarbij we al laten voelen dat dit gebied ook bij de VU gaat horen. In die exploitatie hebben we ook ruimte geboden aan het Groene Leven Lab, een plek voor onderwijs en workshops, en de Zuidmoes, een project dat voedsel produceert voor de voedselbank. Zo konden we verschillende initiatieven met elkaar combineren, onderwijs en onderzoek erbij betrekken, en de Boeletuin ook vooral zo houden zoals ‘ie was en openstellen voor buurtbewoners."

"We hebben dus eigenlijk een groep mensen bij elkaar gebracht die samen het tijdelijk gebruik van de Boeletuin gingen opzetten. Wij hebben het daarna zo veel mogelijk vrij gelaten. Het moest vooral een plek worden waar mensen willen zijn. Wel wilden we graag één contactpersoon; we kunnen niet met 100 mensen zaken gaan doen. Op een gegeven moment viel die constructie weg omdat de hoofdhuurder wegging. Toen hebben we besloten om het anders te gaan doen. Het is nu een soort stadspark[1]. We hebben banken neergezet en geregeld dat er foodtrucks komen. Groene Leven Lab kon nog even blijven en de tuinders deels ook. Wij zorgen voor de vuilnisbakken, zorgen dat het schoon is en dat de boel elke dag geopend en gesloten wordt. ’s Middags komen de foodtrucks, stromen de gebouwen leeg en krijg je hier reuring."

"Uiteindelijk was die reuring voor ons een belangrijk doel. De VU heeft de ambitie om meer te integreren met de stad. Zo’n stap vraagt om placemaking. Voor ons was De Boeletuin een mooie mogelijkheid om dat te doen. Dit hebben we op andere plekken op de campus ook gedaan, onder meer door een daktuin te maken op één van de gebouwen. Die ligt er nu zes jaar en is open voor publiek. De Boeletuin is natuurlijk een tijdelijk project, in 2019 beginnen we met bouwen en hoe het dan verder gaat weet ik niet precies. We zijn nu bezig om te kijken of we niet weer wat met daken kunnen doen. Of toch weer iets tijdelijks. We moeten het nog zien.”

Coosje Dijkstra, onderzoeker bij de VU en van daaruit betrokken bij de Boeletuin

“Toen de VU plannen maakte om op het terrein van de oude schooltuinen een parkeerplaats te bouwen, zijn een aantal vrijwilligers en onderzoekers opgestaan en hebben gezegd: nee, dit willen we niet. Wij vinden het belangrijk dat onze universiteit een groene tuin heeft, waar onderzoek gedaan kan worden en mensen vrijwilligerswerk kunnen doen. Een universiteit die zo ontzettend gezondheid en duurzaamheid promoot, maar een groene oase in een parkeerterrein wil veranderen, dat klopt ergens niet. Samen met een aantal ondernemers op de tuin dachten we kunnen we hier geen onderzoek gaan doen naar groen en gezond leven? Toen is een beheerder aangesteld en zijn verschillende andere initiatieven erbij gekomen."

"Al snel bleken de verschillende initiatieven andere ideeën te hebben over de verkaveling van de grond. Dat was lastig en heeft lang geduurd en zorgde voor spanningen die eigenlijk nooit meer goed verdwenen. De onderzoekers wilden graag alle partijen om tafel houden maar dat bleek lastig. Het zijn twee totaal verschillende werelden, die van wetenschap en groene ondernemers. Ik weet niets van management en business cases. Dus toen heb ik op een bepaald moment gezegd: ik trek mij terug. Ik ben wel betrokken gebleven door aanvragen te schrijven en te proberen de tuin te gebruiken voor onderzoek."

"Het is jammer dat de samenwerking uiteindelijk niet is geslaagd en de tuin eerder is gestopt dan voorzien. Er was geen gedeelde ambitie, er werden geen coöperatieve doelen nagestreefd. Eigenlijk had er een onafhankelijk bestuur boven moeten staan, zodat het een gezamenlijk project was geworden. Het werkt niet om alle macht bij een persoon neer te leggen. Misschien had de VU daar meer op moeten zitten. Toch blijft het een interessant project. Voor mij is het dé verbeelding van verbinding tussen onderzoek en praktijk. Als ik een afspraak had met een fondsenwerver liep ik altijd even naar de tuin om te laten zien: dit is wat we doen. We hebben experimenten met studenten gedaan om te kijken of ze zich beter kunnen concentreren in een groene omgeving. Het was echt een plek die inspiratie oproept voor wetenschappelijke samenwerking. Omdat alles hier omheen is bebouwd, was het een hele fijne plek om naartoe te gaan. Ik zag dat veel VU-medewerkers de plek steeds beter wisten te vinden. Er was ook een wachtlijst voor de tuintjes. Ik denk dus wel dat dit concept ergens anders op de campus kan worden voortgezet, er is gebleken dat het populair wordt.”

Tijdlijn

2013: VU koopt de grond van de schoolwerktuinen van Gemeente Amsterdam

2015: Voorjaar 2015 start van de tijdelijke Boeletuin met verschillende groene initiatieven en een kantine onder beheer beheerder van de Boeletuin Kantine, Niek van Dijk.

2016: Aan het eind van het jaar sluit de Boeletuin Kantine en stopt Niek ook met het beheer van de tuin.

2017: VU neemt vanaf januari het beheer van de tuin over. Het Groene Leven Lab en een deel van de tuinders mogen nog blijven. VU orgniseert food trucks om toch nog een tijdelijke lunchplek in het groen te behouden.

2018: in het najaar sluit de tuin.

2019: start van de ontwikkeling van de VU campus op het terrein.

[1] Najaar 2018 is de tuin gesloten.

Gepubliceerd door  Urban Technology 20 januari 2020