Hogeschool van Amsterdam

werkplaats sociaal domein amsterdam

Onderzoeksdesign Wijkteamonderzoek

Het Wijkteamonderzoek richt zich op de kwesties en keuzen in de samenwerking tussen formele en informele partijen die in de wijk ondersteuning bieden aan bewoners. Het onderzoek verkent de kwesties en keuzes die betrokkenen tegenkomen in de alledaagse praktijk, in het bijzonder de kwesties waar professionals in de praktijk mee te maken hebben. In steeds meer literatuur wordt benadrukt dat complicaties op de werkvloer belangrijke leerervaringen zijn. Innoveren is complex en gaat met vallen en opstaan.

De volgende hoofdvraag stond centraal in het onderzoek:

Hoe geven direct betrokkenen vorm aan de samenwerking tussen wijkteams en informele partijen (uit de wijk) en wat is nodig om de samenwerking tussen deze partijen die zich richten op nabij sociaal werken te verbeteren?

Realistic evaluation theory als onderzoeksbenadering

In alle drie de gemeenten (Amsterdam, Hoorn en Purmerend) is dezelfde onderzoeksopzet gehanteerd, met als uitgangspunt realistic evaluation theory. Deze onderzoeksbenadering gaat uit van een fasering met als eerste stap het spreken met stakeholders om een beeld te krijgen van verwachtingen. In het vervolg van het onderzoek wordt ingezoomd op de praktijk en de context. Voor het Wijkteamonderzoek is die fasering van het onderzoek als volgt verlopen:

  • Fase 1: gesprekken met stakeholders, zoals de wethouder, strategisch adviseur, teamleiders, managers vanuit moederorganisaties en andere stakeholders die op een hoger niveau van abstractie of vanuit beleidskaders een visie hebben op de samenwerking tussen wijkteamprofessionals en informele partijen. De gesprekken gingen over verwachtingen voor de komende jaren rond formeel/informeel, integraal werken en maatschappelijke participatie.
  • Fase 2: gesprekken met wijkteamprofessionals om een gedetailleerd beeld te krijgen van de manier waarop en de mate waarin zij in de verschillende fasen van de hulpverleningscyclus samenwerken met verschillende soorten informele partijen. Hiermee waren de ideeën van de stakeholders te toetsen aan de praktijk van alledag;
  • Fase 3: gesprekken met verschillende soorten informele partijen (zoals vrijwilligers en actieve buurtbewoners) ter aanvulling op de beschrijving die de wijkteamprofessionals van de samenwerking schetsen. Dit nuanceerde het beeld van de stakeholders en de professionals. Bij de selectie is rekening gehouden met het onderscheid tussen vrijwilligers die zich in hun werk vooral op individuele ondersteuning richten en zij die zich vooral op collectieve ondersteuning richten.
  • Fase 4: een vergelijking tussen de drie onderzoekssettings om tot beantwoording van de hoofdvraag te komen.

In Amsterdam zijn deze onderzoeksfasen apart uitgevoerd in de drie stadsdelen Slotervaart, Oud-Noord en de Baarsjes.

Inzet Q-methode

In de tweede onderzoeksfase is naast het houden van interviews in alle drie de gemeenten ook de Q-methode ingezet. Deze onderzoeksmethode heeft als doel om te onderscheiden of er bepaalde patronen zijn in het geheel aan uitingen van kennis en stellingname over een bepaald onderwerp (het concours). In het geval van het Wijkteamonderzoek gaat dat om de manier waarop professionals over hun werk spreken (toegespitst op het wijkgerichte werken). Op basis van bronnenonderzoek is het  heersende discours in kaart gebracht, het zogeheten concours.  Hieruit zijn 37 stellingen geformuleerd om aan professionals voor te leggen. Alle aan het wijkteam deelnemende uitvoerende professionals is gevraagd deze stellingen te sorteren naar de mate dat zij zich hierin herkennen (eerst in de mate dat zij het eens zijn op een schaal met 5 niveaus, daarna op een schaal met 2 niveaus). Hoewel nagenoeg alle respondenten aangeven dat samenwerken met informele partijen gewenst is, geven zij hier binnen hun werkpraktijk en werkvoorkeur verschillende betekenissen aan. In deze studie blijkt dat hierin patronen zijn te herkennen waarin professionals variëren naar de mate van discretionaire ruimte, het vertrouwen in de eigen kracht van hulpvrager en netwerk, de mate van regie die professionals willen opnemen en protocollen.

Wil je meer lezen over de onderzoeksopzet en over de bevindingen van het wijkteamonderzoek in de verschillende wijken? Bekijk de hoofbevindingen van Amsterdam, Hoorn en Purmerend.

 

Gepubliceerd door  AKMI 5 maart 2019