Hogeschool van Amsterdam

Kenniscentrum Techniek

Opbouw meetmethode re-store

tussenrapportage re-store: duurzame verwerking organische reststromen

In opdracht

Om het organisch afval zoveel mogelijk waarde te geven in de context van de stad wordt een scala aan lokale oplossingen ontwikkeld, zoals lokale wormenhotels of schillenboeren die het gft aan huis ophalen. Hoewel er hiermee meer gft gescheiden en apart verwerkt wordt is echter niet goed vast te stellen hoe groot de meerwaarde hiervan is voor de maatschappij. Op dit moment is er namelijk nog geen goede meetmethode beschikbaar. Om deze waarde te kunnen beoordelen wordt in Re-Store een meetmethode ontwikkeld om de impact van deze initiatieven in te kunnen schatten. De meetmethode bestaat uit drie pijlers: milieukundige impact, economische impact en sociale impact. Het model voor de milieukundige impact wordt gebaseerd op de methodiek voor een Life Cycle Assessment. Met dit model worden de CO2-equivalenten geanalyseerd van een scenario. Daaraan gelieerd wordt voor de economische impact gebruik gemaakt van principes van de methodiek voor Life Cycle Costing. Met het economische model wordt de netto financiƫle waarde van een scenario geanalyseerd. Beide modellen worden echter dusdanig toegesneden en vereenvoudigd zodat ze te gebruiken zijn door non-experts. Om de sociale impact te meten worden drie indicatoren gemeten: sociale cohesie, samenwerkend participeren en educatieve ontwikkeling. Om dit te kunnen meten wordt gebruik gemaakt van een perceptiemeting. De eerste test hiermee geeft aanleiding om de indicatoren deels te heroverwegen, de methode aan te scherpen en een aanvullende methode toe te gaan passen.

Het terugwinnen van grondstoffen en energie uit organische reststromen wordt gezien als een van de prioriteiten om te komen tot een circulaire economie. Het organisch keukenafval wordt in veel Nederlandse steden echter nog nauwelijks gescheiden ingezameld en verwerkt. In Amsterdam wordt zelfs maar 0,1% van het huishoudelijk GFT ingezameld. (CBS, 2019). Een groot deel van het organisch afval wordt samen met het restafval verbrand.

Om het organisch afval zoveel mogelijk waarde te geven wordt een scala aan lokale oplossingen ontwikkeld, zoals lokale wormenhotels of schillenboeren die het gft aan huis ophalen. Hoewel er hiermee meer gft gescheiden en apart verwerkt wordt is echter niet goed vast te stellen hoe groot de meerwaarde hiervan is voor de maatschappij. Om de duurzaamheidswaarde te kunnen beoordelen wordt in Re-Store ten eerste een meetmethode ontwikkeld om de impact van deze initiatieven in te kunnen schatten. Ten tweede worden ontwerpstudies uitgevoerd om handvatten te geven voor het inrichten van afvalverwerkingssystemen. 

Dit rapport geeft uitleg over de opbouw van de meetmethode. Het beschrijft de achtergrond, keuzes en onderbouwing hieromtrent. Het is derhalve een behoorlijk theoretisch rapport, waardoor het voor mensen uit de praktijk mogelijk wat lastig te lezen is. Wij zijn ons hier van bewust en hebben daarom bijvoorbeeld geprobeerd zoveel mogelijk jargon uit te leggen. In het vervolg van het onderzoek zullen vier case-studies gebruikt worden om het model verder te ontwikkelen en te testen. Op dat moment wordt alles weer een stuk praktischer en beter te begrijpen voor non-experts/ -theoretici.

Hoofdstuk 2 beschrijft de keuze over wat er gemeten gaat worden. In de daarop volgende hoofdstukken wordt per onderdeel uitgelegd hoe deze tot stand zijn gekomen en wat de belangrijkste keuzes en afwegingen zijn.

Referentie Mulder, M., Faddegon, K., Schrik, Y., de Rijke, S., & Lange, K. (2019). Opbouw meetmethode re-store: tussenrapportage re-store: duurzame verwerking organische reststromen. Amsterdam: Hogeschool van Amsterdam.
Gepubliceerd door  Afdeling Communicatie 4 juni 2019