Hogeschool van Amsterdam

Inhoud en werkwijze

De uitgangspunten van de cursus zijn:

  • Leerkrachten kunnen hun praktisch-didactisch handelen theoretisch onderbouwen.
  • Leerkrachten vergroten hun handelingsrepertoire.

Deelname moet leiden tot meer handelingszekerheid bij de leerkracht.

De cursus bestaat uit 9 bijeenkomsten van 3 uur. Tijdens de bijeenkomsten wordt literatuur verwerkt en staat casuïstiek uit de praktijk centraal. Bij elk thema horen praktijkopdrachten.

Thema’s

  • Eerste- en tweedetaalverwerving
  • Doelen voor nieuwkomers, intake en toetsing
  • Benaderingen en didactische modellen
  • Meertaligheid
  • Taalaanbod, interactie en buitenschools leren
  • Woordenschat
  • Mondelinge vaardigheid
  • Lezen
  • Schrijven

Doelen

  • De cursist kent theorieën over (tweede-)taalverwerving en fundeert didactische keuzes op deze theorieën.
  • De cursist geeft zijn onderwijs beargumenteerd vorm.
  • De cursist zet didactische middelen in ter bevordering van de basisvaardigheden (lezen, luisteren, spreken, schrijven en woordenschat).
  • De cursist is kritisch ten aanzien van materialen, toetsen en didactische uitgangspunten.
  • De cursist (her)kent struikelblokken in communicatie en weet deze te vermijden/adequaat tegemoet te treden.
  • De cursist kan opgedane kennis en vaardigheden vertalen naar de praktijk en collega’s hierin begeleiden en ondersteunen.

Voorwaarden afsluiting

  • 80% aanwezigheid
  • minimaal 4 praktijkopdrachten zijn aantoonbaar uitgevoerd.

Literatuur

  • Kuiken, F. & A. Vermeer (2013). Nederlands als tweede taal in het basisonderwijs. Amersfoort: ThiemeMeulenhoff.
  • Diverse handouts
Gepubliceerd door  Faculteit Onderwijs en Opvoeding 6 december 2019