Hogeschool van Amsterdam

Urban Vitality

Wie door een voedselbril kijkt, ontwaart het goede leven

Door Janno Lanjouw

4 jul 2019 09:33 | Urban Vitality

Het lectoraat Voeding en Beweging van de Hogeschool van Amsterdam nam recent deel aan WeMakeThe.City, ‘het festival dat steden beter maakt’. Er zijn natuurlijk allerlei manieren waarop je een stad beter kunt maken, maar voedsel is een van de belangrijkste. Zo niet dè belangrijkste. Wie zich in de gelukkige omstandigheid bevindt om naar de Britse architect, historica en schrijfster Carolyn Steel te luisteren, kan eigenlijk niet anders dan overtuigd raken van dat laatste; de sleutel naar goed leven (en dus ook een goede stad), is eten.

De hongerige stad

Steel maakte furore met haar boek uitstekende (serieus: léés het!) boek De Hongerige Stad, dat al in 2009 uitkwam. In dat boek laat ze overtuigend zien dat steden niets anders zijn dan de fysieke manifestatie van de manier waarop we ons voeden. Zo’n 200 jaar geleden hoefde je dat punt nog niet zo nadrukkelijk te maken - het leven in de stad draaide om de markt en de markt draaide om voedsel. Het voedsel kwam in volledig zicht de stad in; er was geen ontkennen aan. De meest tot de verbeelding sprekende, nog bestaande getuigen van die tijd, zijn nog altijd te vinden in de vorm van straatnamen als de Kalverstraat - de straat waar de kalveren, levend en wel op dat moment nog, de stad binnenliepen. Om vervolgens in de Bloedstraat om zeep geholpen te worden en te worden verwerkt tot hapklare stukken vlees.

Verantwoordelijkheid voor je acties

Want ja, zo benadrukte Steel in haar keynote waarmee ze het WeMakeThe.City programma ‘De Nieuwe Markt’ opende, eten is doden. Alles wat we eten, heeft geleefd. De dieren hebben de meeste mensen wel op het vizier, maar ook de planten die we eten zijn levende wezens die het loodje leggen op het moment dat we ze eten. En dat is waarom Steel mensen (in navolging van Aristoteles) ‘politieke dieren’ noemt. Mensen willen graag bij elkaar wonen, wat de reden is dat ze in een stad gaan wonen. Het oud-Griekse woord voor stad is natuurlijk polis wat het ‘politieke’ in de term voor zijn rekening neemt. Maar mensen zijn ook dieren: we zijn afhankelijk van de natuur en moeten, net als alle andere dieren, doden om te leven. Dat is de natuur, maar om goed te kunnen leven moeten de eter/doder wel in staat zijn verantwoordelijkheid te kunnen nemen voor zijn acties. In een huidige supermarkt is de consequentie van ons eten/doden vakkundig weggewerkt om een fijne winkelervaring te garanderen.

WeMakeTheCity

Fotografie: Iris Duvekot

Stadsplanning tegenover de vrije markt

Steels boodschap: de marktplaats die de stad feitelijk is, verbindt de politieke dieren (de stedelingen) aan de natuur die hen voedt. Maar dat is geen vanzelfsprekende aangelegenheid. Je moet het organiseren. En er zit meer aan vast. Een stad kan prettig of onprettig zijn door de manier waarop het eten erin is georganiseerd. ‘Stadsplanning is een socialistische bezigheid: het is het omgekeerde van het overlaten aan de vrije markt.’ Steel haalt het voorbeeld van Parijs aan waar wetgeving tot slechts heel kort geleden bepaalde dat een bakkerij in een straat ook echt alleen een bakkerij mocht zijn. Als de bakker met pensioen ging, kon hij de zaak alleen verkopen aan een ondernemer die ook brood wilde bakken. ‘Die wet was er natuurlijk omdat stedelingen brood nodig hebben. Als je het aan de markt overlaat, komt er misschien wel een belwinkel. Maar’, zo verzucht ze, ‘in Parijs hebben de vrije marktfundamentalisten uiteindelijk toch gewonnen. Wat denken jullie, zal dat de leefbaarheid ten goede komen?’, vraagt Steel retorisch.

Die anekdote doet denken aan de terugkerende problematiek van de zogenaamde Nutella-winkels die Amsterdam steeds meer domineren. De vrije markt maakt die verschrikkingen rendabeler dan een groenteboer, maar dat wil niet zeggen dat het een goed idee is. Sterker nog: het is helemaal geen goed idee. Als je het - allicht filosofische, maar o zo belangrijke - doel hebt om een zo goed mogelijk leven mogelijk te maken, dan grijp je in.

Kinderopvang cruciaal voor gezondheid kinderen

Het interessante aan voedsel is dat het niet alleen de natuur en leefbaarheid van de stad beïnvloedt. Het beïnvloedt àlles. Gezondheid, vervuiling, economie, sociale cohesie - allemaal worden ze direct beïnvloed door de manier waarop de stad besluit om te gaan met voedsel. Dat speelt ook een rol in het specifieke onderdeel waar de HvA een bijdrage leverde aan ‘De Nieuwe Markt’ op WeMakeThe.City: Leefstijlinterventies in de stad. Daarin kwam onder andere aan bod hoe de kinderopvang een cruciale rol kan spelen in het creëren van gezonder kinderen. Want dat is nodig: bijna 12 procent van de Nederlandse jeugd heeft overgewicht en het is alom bekend dat die problemen sterker zijn in armere wijken waar gebrek aan sociale interventies en een teveel aan vrijemarktdenken het mogelijk heeft gemaakt dat er minder gezond eten beschikbaar is. Of, in jargon: de voedselomgeving is er slechter. Om niet te zeggen obesogeen.

Voedsel als sleutel naar het goede leven

Om terug te komen bij Carolyn Steel, die overigens op het punt staat een tweede boek over het onderwerp te publiceren, voedsel is de sleutel naar een beter leven. ‘Als we alle externe kosten die nu worden geassocieerd met onderdelen van onze voedselproductie - kosten voor schade aan de gezondheid, het milieu, de biodiversiteit, degradatie van landbouwgronden, klimaatverandering en noem het allemaal maar op - als we al die kosten zouden doorberekenen, dan zou er meteen ruimte ontstaan voor een lokale groenteboer in elke straat. Mensen zouden weer gaan doen waar ze eigenlijk voor gemaakt zijn: eten delen. Het goede leven zou zich ontvouwen.’

Meer weten? Neem contact op met Amely Verreijen van het lectoraat Voeding en Beweging, a.verreijen@hva.nl.