Zoeken
Informatie voor
Informatie over
Home Studeren aan de HvA Juridisch separator Het college van beroep voor de examens

Het college van beroep voor de examens

1. Samenstelling

Het college van beroep voor de examens wordt benoemd door het College van Bestuur. Het college bestaat uit maximaal vijftien leden; de voorzitter, twee plaatsvervangende voorzitters, zes leden en zes plaatsvervangende leden. Zowel studenten als medewerkers met een onderwijsgevende functie zijn lid van het college. De voorzitter en plaatsvervangend voorzitter zijn jurist en hebben geen dienstverband met de hogeschool. Het secretariaat van het college van beroep voor de examens berust bij de afdeling juridische zaken.

2. Reglement van orde

De werkwijze van het college van beroep voor de examens is uitgewerkt in het reglement van orde. Belanghebbenden die overwegen in beroep te gaan doen er verstandig aan dit reglement – maar ook het Studentenstatuut – tevoren te raadplegen.

Downloads bij 2:

3. Beslissingen waartegen beroep kan worden ingesteld

Een belanghebbende kan beroep instellen bij het college van beroep voor de examens tegen beslissingen:

  • over een negatief studieadvies;
  • over de verwijzing in de postpropedeutische fase;
  • over de vaststelling van het aantal behaalde studiepunten;
  • over het met goed gevolg hebben afgelegd van het afsluitend examen;
  • over vooropleidingseisen, niet zijnde besluiten van algemene strekking, met het oog op de toelating tot examens;
  • over nadere vooropleidingseisen en het verkrijgen van vrijstelling op grond van andere diploma’s die gebaseerd zijn op aanvullend onderzoek. Onder een ander diploma wordt in dit verband verstaan een diploma dat niet zondermeer toegang geeft tot de opleiding;
  • van examencommissies en examinatoren;
  • over het verkrijgen van vrijstelling op grond van een toelatingsonderzoek voor eenentwintigjarigen;
  • over de toelatingeisen voor een masteropleiding die door de hogeschool wordt aangeboden.

4. Weigering om te beslissen

Met een beslissing wordt gelijk gesteld een weigering om te beslissen en dus kan ook tegen die weigering beroep worden ingesteld bij het college van beroep voor de examens.

5. Instellen van beroep

Het beroepschrift moet schriftelijk uiterlijk binnen zes weken worden ingediend na de dag waarop het besluit is bekendgemaakt. Het beroepschrift moet digitaal worden toegestuurd aan:

het Loket beroep, bezwaar en klacht,
met behulp van het formulier op www.hva.nl/juridisch/loket-beroep-bezwaar-en-klacht/

Het Loket beroep, bezwaar en klacht registreert de ontvangst van uw beroepschrift, stuurt u een ontvangstbevestiging en draagt uw beroepschrift ter verdere behandeling over aan het College van Beroep voor de examens.

De ambtelijk secretaris van het College van Beroep voor de examens is te bereiken via e-mail: cobex@hva.nl of telefonisch via het secretariaat van de afdeling juridische zaken (020-595 3373/74), rechtstreeks, telefoon 020-595 3375.

De secretaris van het college van bestuur voor de examens is te bereiken via het secretariaat van de afdeling juridische zaken (020 – 595 33 73 of bij geen gehoor 020 – 595 33 74) of direct 020 – 595 33 75.

6. Vereisten waaraan het beroepschrift moet voldoen

Het beroepschrift moet aan de volgende eisen voldoen:

  • de naam en het adres van de indiener;
  • indien van toepassing: het studentnummer en/of de opleiding waarop het beroep betrekking heeft;
  • de dagtekening;
  • een omschrijving van het besluit waartegen het beroep is gericht en bij voorkeur een kopie van dat besluit;
  • de gronden van het beroep;
  • als gebruik wordt gemaakt van een gemachtigde; een ondertekende schriftelijke machtiging van belanghebbende.

7. Gronden van het beroep

In een beroepschrift moeten de gronden van het beroep worden vermeld en dat moet bij voorkeur gemotiveerd zijn. Een belanghebbende kan zich dus niet beperken tot de mededeling dat hij of zij het met een bepaald besluit niet eens is. Men zal moeten aangeven waarom men het er niet mee eens is en het kan nuttig zijn om een ingenomen standpunt ook met schriftelijke bewijzen te staven. Is een belanghebbende het niet eens met de beoordeling van een tentamen, dan is het goed om te beseffen dat het college van beroep voor de examens een beroepschrift hierover in de regel slechts marginaal toetst. Het college gaat het tentamen niet zelf opnieuw beoordelen en gaat dus niet op de stoel van de examinator zitten.

8. Belanghebbende

Het college van beroep voor de examens biedt vooral rechtsbescherming aan studenten en extraneï. In sommige situaties is het echter denkbaar dat ook aan toekomstige studenten of extraneï of aan cursisten rechtsbescherming wordt geboden. De besluitvorming hierover berust bij het college van beroep voor de examens en is afhankelijk van de concrete omstandigheden van het geval.

Op grond van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW) zijn medewerkers van de hogeschool of examencommissies geen betrokkenen die bij het college van beroep voor de examens beroep kunnen instellen. Dit betekent dat als een examinator het bij voorbeeld niet eens is met een beslissing van een examencommissie, hij of zij daar niet tegen in beroep kan gaan bij het college van beroep voor de examens.

Degene die beroep instelt noemt men in de regel appellant.

9. Eerst minnelijke schikking

Alvorens het beroep in behandeling te nemen zendt het college van beroep voor de examens het beroepschrift aan het orgaan of de functionaris die de beslissing heeft genomen (we noemen deze: de verweerder) waartegen het beroep is gericht om na te gaan of een minnelijke schikking van het geschil mogelijk is. De verweerder krijgt niet meer dan drie weken de tijd om hierover te beslissen. Wordt niet binnen deze termijn beslist of blijkt geen minnelijke schikking mogelijk, dan wordt het geschil ter beoordeling voorgelegd aan het college van beroep voor de examens. In – naar het oordeel van het college van beroep voor de examens – spoedeisende gevallen kan van de termijn van drie weken worden afgeweken.

10. Geen schorsende werking

Het instellen van beroep heeft geen schorsende werking. Dit betekent dat als een belanghebbende tegen een besluit beroep heeft ingesteld, dit er niet toe leidt dat met de uitvoering van het besluit wordt gewacht. Wil men dat de uitvoering van een besluit wordt opgeschort tot over het beroep is beslist, dan is het mogelijk bij de voorzitter van het college van beroep voor de examens een voorlopige voorziening te vragen.

11. Vereenvoudigde behandeling en verzet

In sommige gevallen kan de voorzitter van het college van beroep voor de examens het beroepschrift onmiddellijk afdoen. Men noemt dit een vereenvoudigde behandeling. Een beroepschrift wordt bij voorbeeld vereenvoudigd behandeld als de voorzitter van mening is dat het kennelijk niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond is. In dat geval vindt er geen mondelinge behandeling van het beroep plaats en ontvangt de belanghebbende het besluit van de voorzitter per post. Is een belanghebbende het niet eens met het besluit van de voorzitter om het beroep vereenvoudigd te behandelen, dan kan hij of zij daar binnen vier weken nadat het besluit is toegezonden schriftelijk verzet tegen aantekenen. Het verzetschrift moet gericht worden aan de secretaris van het college van beroep voor de examens. Is een verzetschrift ingediend, dan wordt het beroep alsnog behandeld.

12. Versnelde behandeling en voorlopige voorziening

In de regel duurt een procedure bij het college van beroep voor de examens zes tot acht weken. Belanghebbenden kunnen niet altijd zo lang wachten en hebben er soms belang bij zo snel mogelijk een beslissing te krijgen. In de regelgeving wordt hierin voorzien. Belanghebbenden met een spoedeisend belang kunnen om een voorlopige voorziening of om een versnelde behandeling vragen en verkrijgen – indien de gevraagde procedure wordt toegewezen – in dat geval snel(ler) een uitspraak over het besluit waartegen men in beroep is gegaan.

13. Mondelinge behandeling

Wordt besloten een beroepschrift mondeling te behandelen dan worden beide partijen uitgenodigd daarbij aanwezig te zijn en hen wordt ook de gelegenheid gegeven het woord te voeren. Wil een belanghebbende gebruik maken van deskundigen of getuigen, dan kan dat alleen als dit tenminste vier dagen voor de zitting schriftelijk is meegedeeld aan het college van beroep voor de examens en de wederpartij.

14. Rechtsbijstand: advocaat of gemachtigde

Belanghebbenden zijn niet verplicht om voor een procedure bij het college van beroep voor de examens een advocaat in te schakelen. Men kan de procedure zelf voeren of men kan zich ook door een schriftelijk gemachtigde – niet zijnde een advocaat – laten vertegenwoordigen. De kosten van de rechtsbijstand komen bij het college van beroep voor de examens steeds voor rekening van de belanghebbende.

15. Kosten procedure

Procedures die gevoerd worden bij het college van beroep voor de examens zijn kosteloos. Kosten van gemachtigden, advocaten en tolken komen voor rekening van appellant.

16. Uitspraak

Indien het beroep gegrond wordt geacht, wordt het bestreden besluit geheel of gedeeltelijk vernietigd. Het college van beroep voor de examens is niet bevoegd in de plaats van het geheel of gedeeltelijk vernietigde besluit een nieuw besluit te nemen. Het kan bepalen dat opnieuw of, indien de beslissing is geweigerd, alsnog in de zaak wordt beslist, dan wel dat het tentamen, het examen, het toelatingsonderzoek, het aanvullend onderzoek of enig onderdeel daarvan opnieuw wordt afgenomen onder door het college van beroep voor de examens te stellen voorwaarden. Uitspraken van het college van beroep voor de examens zijn bindend voor beide partijen en maar het is wel mogelijk daartegen in beroep te gaan bij het College van Beroep voor het Hoger Onderwijs..

17. Waar te vinden

De regels die betrekking hebben op het college van beroep voor de examens zijn te vinden in hoofdstuk 9 van het Studentenstatuut en in hoofdstuk 8 van de onderwijs- en examenregeling (OER) van elke opleiding. Daarnaast is informatie over het college van beroep voor de examens te vinden in hoofdstuk 7, titel 4 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.