Hogeschool van Amsterdam

Topsectorenbeleid moet zich weer richten op logistieke ketens

24 okt 2014 11:07

Tussen het topsectorenbeleid van de overheid en het logistieke MKB in de mainports bestaat een kloof. De overheid gaat uit van ‘netwerkdenken’: het MKB zou moeten samenwerken in ketenoverstijgende netwerken. Maar het MKB focust zich doorgaans slechts op de eigen ‘schakel’ in de keten: zelf overleven staat voorop. De jarenlange recessie heeft dit versterkt. Om het MKB te laten innoveren, moeten overheid en MKB inzetten op de keten. Dit blijkt uit het grootschalige vierjarige RAAK Pro-onderzoek van de Hogeschool van Amsterdam naar het logistieke MKB in de mainports.

Het onderzoeksrapport (Terug)schakelen naar Ketendenken wordt op 29 oktober gepresenteerd tijdens het eindseminar Logistiek MKB in de Mainports op de Hogeschool van Amsterdam. Daarbij zijn onder andere Schiphol, Havenbedrijf Amsterdam, ECT en de Douane aanwezig. 

Enno Osinga, senior vice-president Schiphol Cargo: ‘Dit onderzoek levert concrete suggesties op, waarmee het innovatiebeleid van de overheid en diverse innovatieplatforms direct hun voordeel kunnen doen.’

Dick van Damme, lector Logistiek aan de HvA: ‘Het topsectorenbeleid gaat nu uit van netwerken in de logistiek. Maar voor het MKB zijn die netwerken een brug te ver: MKB-bedrijven zijn gericht op de kortere termijn. Om het MKB mee te nemen in innovatietrajecten zal de overheid terug moeten schakelen van netwerk- naar ketenniveau. Tegelijk ligt er voor het MKB zich de uitdaging om van de eigen ‘schakel’ over te schakelen naar de keten. Op deze manier kan Nederland ook op langere termijn internationaal koploper blijven op logistiek gebied.’

Concurrentie voorblijven met specialisatie

Het rapport signaleert dat de mainport de concurrentie kan voorblijven door zich te specialiseren. Haven, luchthaven en ondernemers moeten meer differentiëren. Zo kan Schiphol internationaal koploper voor farma worden, wanneer de luchthaven inzet op een fastlane voor het afhandelen van farmaceutische goederenstromen.

Inzetten op leaderfirms

Tijdens het vierjarige onderzoek zijn 40 leaderfirms onderzocht. Via deze leaderfirms is het logistieke MKB bereikt. Studenten en onderzoekers onderzochten onder andere de farmaketen, de cacaoketen, de bloemenketen en de tweedehandsautoketen. Ook hier blijkt een rol voor de overheid weggelegd, bijvoorbeeld op het gebied van regelgeving en handhaving. Deze handhaving verschilt nogal eens in Europa: zo mogen Nederlandse stuwadoors (lossers van zeevracht) volgens Europese richtlijnen geen zware cacaozakken tillen, maar leeft de Antwerpse haven deze richtlijn niet na. Daardoor is er geen level playing field, en treedt oneerlijke concurrentie op.

Benchmark airport-seaport-regio’s

Tot slot bevat het onderzoeksrapport nog de conclusies van een benchmark van 17 airport-seaportregio’s wereldwijd. Nederland scoort goed: Amsterdam neemt een vierde plek in, terwijl de combinatie Amsterdam-Rotterdam op de tweede plaats staat na Singapore. Een verbeterpunt daarbij is dat Nederland kan inzetten op een betere verbinding met het achterland. Lees meer in het rapport: Benchmarkonderzoek airport-seaportregio’s.

Het eindrapport van het vierjarige onderzoek is onder embargo op te vragen via Persvoorlichting HvA: persvoorlichting@hva.nl / 06 211 56 400. Neem voor meer informatie over het onderzoek contact op met lector Logistiek Dick van Damme: d.a.van.damme@hva.nl / 06 211 56 388. 

Het eindseminar op woensdag 29 oktober vindt plaats van 12.30 - 17.30 in gebouw Leeuwenburg van de HvA naast station Amstel. Neem voor aanmelding contact op met Rebecca Wilson: r.k.wilson@hva.nl.