Hogeschool van Amsterdam

Graphic novels helpen leerlingen bij literatuuronderwijs

3 jan 2017 14:22 | Afdeling Communicatie

Graphic novels, stripromans in het Nederlands, hebben een gunstig effect op het leesplezier van leerlingen in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs. Het lezen van stripromans draagt daarnaast ook bij aan een beter begrip van het verhaal. Graphic novels zijn dan ook voor middelbare scholieren een goed hulpmiddel voor het beter begrijpen en meer waarderen van literatuur. Dat concludeert HvA-alumnus Merlijn Draisma in zijn masterscriptie ‘Beter in Beeld’, waarop hij onlangs aan de Hogeschool van Amsterdam (HvA) afstudeerde.

 

Stom

Veel leerlingen die de overstap van onderbouw naar bovenbouw havo of vwo maken, hebben moeite met het lezen en begrijpen van literatuur. “De overstap van jeugdliteratuur naar volwassenenliteratuur is voor 15, 16 jarigen vaak erg groot”, zo verklaart Merlijn Draisma, in het dagelijks leven docent Nederlands aan de Europese school in Brussel. “Leerlingen hebben moeite met het doorgronden van de structuur van een boek, ze vinden de inhoud moeilijk te begrijpen en ze hebben moeite om zich te identificeren met de verschillende personages in een boek. Ook het feit dat het lezen van literatuur “maar stom” is omdat het “nu eenmaal voor de lijst verplicht is” draagt niet bij aan de leesmotivatie, wat weer door kan doorwerken in de leesprestaties van de leerlingen”.

Alternatief

Vanuit de gedachte dat veel leerlingen in hun jeugd voor hun plezier stripboeken hebben gelezen, onderzocht Draisma in het kader van zijn masteropleiding Nederlands of stripromans, officieel graphic novels genoemd, een goed alternatief kunnen zij voor de normale tekstliteratuur. In Graphic novels is serieuze literatuur, met meerdere lagen, dimensies en personages, verlevendigd met ondersteunend beeld. Een experimentgroep van havo-bovenbouwleerlingen moest een drietal graphic novels lezen. Een controlegroep kreeg drie ‘gewone’ boeken voorgeschoteld. Een van de drie boeken was voor beide onderzoeksgroepen gelijk. De experimentgroep las het boek ‘De wake” van Ronald Giphart in een verstripte versie van Nanne Meulendijks. De controlegroep las hetzelfde verhaal, maar dan als gewoon tekstboek. 

Merlijn Draisma

HvA-alumnus Merlijn Draisma: "Graphic novels helpen leerlingen in het voortgezet onderwijs aantoonbaar bij hun literatuuronderwijs".

 

Positieve invloed

HvA-Alumnus Draisma onderzocht beide groepen allereerst op het aspect ‘leesplezier’. Daarbij vergeleek hij zowel de experimentgroep als de controlegroep voor en na het lezen van de boeken. “Uit mijn onderzoek”, aldus Draisma, “ blijkt dat graphic novels een positieve invloed op het ‘leesplezier’ hebben. Graphic novellezers dachten na afloop van het experiment positiever over literatuur dan eerst. Men gaf bijvoorbeeld aan meer te genieten van het lezen van literatuur en van de tekeningen die het verhaal mooier maakten. Ook gaf deze groep aan dat men iets had geleerd door het lezen van het boek, dat het dus goed was voor je kennis. Bij de controlegroep was deze stijging van het ‘leesplezier’ afwezig. Sterker nog, het daalde zelfs.”

Verslinden

Opmerkelijk is volgens Draisma dat binnen de experimentgroep het 'leesplezier' bij jongens behoorlijk toenam, terwijl het bij meisjes min of meer gelijk bleef. Draisma: “Dat kan te maken hebben met het feit dat jongens als kind meer stripboeken “verslinden”, denk aan Kuifje of Asterix en Obelix en dus gewend zijn aan deze "vorm van lezen". Stripboeken zijn dus al meer een deel van hun leven. Meisjes hebben blijkbaar minder affiniteit met stripboeken”. 

Beeld de wake 2

Verbanden

Het tweede aspect dat Draisma onderzocht was het begrijpen van de literatuur. Daarvoor ondervroeg hij beide groepen over het boek ‘De wake' van schrijver Ronald Giphart. Uit zijn masterstudie blijkt dat de experimentgroep, zowel jongens als meisjes, die het boek van Giphart in de verstripte versie van Nanne Meulendijks las, veel beter begreep waar het boek over ging. “Ze waren, in tegenstelling tot de lezers van het gewone tekstboek, beter in staat om het motief en tijdsprongen in het boek te herkennen en om verbanden te leggen tussen gebeurtenissen uit het boeken en het gebruik van symbolen in de tekst. In het boek verongelukt bijvoorbeeld de hoofdpersoon boven op een koude hoge berg. Vrienden van hem houden vervolgens een wake in een koude kerkzaal op de vijftiende verdieping van een hoog gebouw. De overeenkomsten ‘koud’ en ‘hoog’ werden door de experimentgroep herkend. Op dit punt van ‘begrijpen’ scoorden de graphic novellezers beduidend beter dan de tekstlezers uit de controlegroep.”

 

Omslag de wake

Kinderschoenen

Draisma zou het toejuichten als er meer bekendheid zou komen voor de waarde van graphic novels. “Deze vorm van literatuur staat nog redelijk in de kinderschoenen”, zo concludeert Draisma. “Terwijl het leerlingen in het voortgezet onderwijs aantoonbaar helpt bij hun literatuuronderwijs. Hopelijk komt daar verandering in als meer docenten Nederlands deze boekvorm zouden aanbevelen bij hun leerlingen.  Ook zou het goed zijn als ‘oude’ werken als bijvoorbeeld Max Havelaar van Multatuli of het ridderverhaal Karel ende Elegast als graphic novel zouden verschijnen. Dan zouden ook deze boeken beter toegankelijk worden voor een nieuwe generatie literatuurlezers”.

De illustraties bij dit artikel komen uit het boek 'De wake" van Ronald Giphard en zijn gemaakt door Nanne Meulendijks.