Corporate Governance
De Hogeschool van Amsterdam wordt in stand gehouden door de Stichting Hogeschool van Amsterdam. Deze stichting kent twee organen: de raad van toezicht en het college van bestuur. Het college van bestuur van de Hogeschool van Amsterdam vormt een personele en bestuurlijke eenheid met het college van bestuur van de Universiteit van Amsterdam. In het Instellingsplan 2011-2014 geeft het college van bestuur aan hoe deze samenwerking tussen beide instellingen in de komende jaren verder zal worden uitgewerkt.
Raad van Toezicht
De raad van toezicht heeft een toezichthoudende taak en benoemt en ontslaat de leden van het college van bestuur. De taken en bevoegdheden van de raad van toezicht zijn vastgelegd in de statuten van de stichting Hogeschool van Amsterdam. De leden van de raad van toezicht worden benoemd en ontslagen door de leden van de raad van toezicht van de Universiteit van Amsterdam die op hun beurt benoemd en ontslagen worden door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Bij de benoeming van de leden van de raad van toezicht worden de inspraakorganen van Hogeschool en Universiteit van Amsterdam betrokken. De voorzitter van de raad van toezicht van de Hogeschool van Amsterdam vervult deze functie ook bij de Universiteit van Amsterdam.
Auditcommissie
De raad van toezicht heeft een auditcommissie ingesteld om besluitvorming op financieel terrein voor te bereiden. De controlerend accountant is één van de vaste gesprekspartners van de auditcommissie.
Remuneratiecommissie
Ontstaat er een vacature in het college van bestuur, dan bereidt de door de raad van toezicht ingestelde remuneratiecommissie de besluitvorming voor met betrekking tot selectie en benoeming van een lid van het college van bestuur. Bij deze selectie en de opstelling van het profiel wordt de medezeggenschapsraad van de hogeschool betrokken.
College van Bestuur
Het college van bestuur van de Hogeschool van Amsterdam is tevens college van bestuur van de Universiteit van Amsterdam. Daarnaast is het college van bestuur niet alleen (instellings)bestuur van de hogeschool maar ook (statutair) bestuurder van de rechtspersoon die de hogeschool in stand houdt. Dit betekent ondermeer dat (leden van) het college van bestuur niet alleen de Hogeschool van Amsterdam maar ook de stichting Hogeschool van Amsterdam vertegenwoordig(t)en. Leden van het college van bestuur zijn in sommige gevallen tevens bestuurder van andere rechtspersonen waar de Hogeschool van Amsterdam mee is verbonden. Deze bestuurslidmaatschappen zijn (vrijwel) steeds gekoppeld aan het lidmaatschap van het college van bestuur van de Hogeschool van Amsterdam.
Branchecode Corporate Governance
Hogeschool en Universiteit van Amsterdam streven er naar hun regelgeving op het terrein van Corporate Gouvernance zo veel als mogelijk op elkaar af te stemmen. Bij de toepassing en uitwerking van dit beleid betrekt de Hogeschool van Amsterdam dan ook zowel de branchecode voor hogescholen als die van de universiteiten. In dat kader dient tevens rekening gehouden te worden met het feit dat Hogeschool en Universiteit van Amsterdam – van elkaar – verschillende besluitvormingsprocessen kennen.
In de statuten van de stichting Hogeschool van Amsterdam zijn een aantal wezenlijke beginselen van goed bestuur vastgelegd. Zo zijn de leden van de raad van toezicht en het college van bestuur verplicht zich te onthouden van bemoeienissen die er toe leiden dat zij persoonlijk betrokken zijn bij leveringen, aannemingen en diensten voor de stichting. Ook bepaalde met name genoemde functies, zijn onverenigbaar met het lidmaatschap van deze organen van de Hogeschool van Amsterdam. Leden van de raad van toezicht zijn statutair verplicht nevenfuncties te melden.
De verhouding tussen de raad van toezicht en het college van bestuur enerzijds en die tussen het college van bestuur en de directie van organisatorische eenheden anderzijds, zijn statutair vastgelegd en worden nader uitgewerkt in het Bestuurs- en beheersreglement en de daarop gebaseerde Procuratieregeling.
Bestuursreglement
In het bestuurs- en beheersreglement is zijn een aantal taken en bevoegdheden van het college van bestuur overgedragen aan de domeinvoorzitters. Dit zijn de taken en bevoegdheden die in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek zijn toegekend aan de decaan van de faculteit van een universiteit. Mede hierdoor zijn de domeinvoorzitters van de Hogeschool van Amsterdam in een positie gebracht die vergelijkbaar is met die van de decanen van de Universiteit van Amsterdam.
Het Bestuurs- en beheersreglement regelt tevens de samenstelling en de positie van de opleidingscommissie.
Wijzigingen in het Bestuurs- en beheersreglement behoeven de goedkeuring van zowel de raad van toezicht als de medezeggenschapsraad van de Hogeschool van Amsterdam.
Procuratieregeling
In de procuratieregeling wordt voor een aantal functionarissen van de Hogeschool van Amsterdam de bevoegdheid geregeld om de hogeschool – onder voorwaarden – te mogen vertegenwoordigen en tot welke bedrag en voor welke rechtshandelingen. Naast deze algemene vertegenwoordigingsbevoegdheid wordt in sommige gevallen ook gebruik gemaakt van speciale volmachten en/of aanvullende richtlijnen. Deze speciale volmachten en/of aanvullende richtlijnen zijn in de regel afkomstig van het college van bestuur maar soms ook van een andere gemachtigde. Als een volmachtgever een ander machtigt, kan dit alleen als de Procuratieregeling daarin voorziet; een volmachtgever kan nooit meer bevoegdheden geven dan aan de volmachtgever zelf zijn toegekend. Een aan een medewerker verstrekte volmacht kan op elk moment door het college van bestuur of de een volmachtgever worden ingetrokken. Aan de toekenning van een volmacht kan door een medewerker geen rechten worden ontleend.
De Procuratieregeling kan op elk moment door het college van bestuur worden gewijzigd.
Klokkenluidersregeling
De Hogeschool van Amsterdam kent een Klokkenluidersregeling. De Klokkenluidersregeling biedt rechtsbescherming aan medewerkers die een misstand bij de Hogeschool van Amsterdam willen aankaarten en draagt daarmee bij aan een veilig leef- en werkklimaat.
Integriteitscode
In de Integriteitscode wordt aangegeven wat de Hogeschool van Amsterdam verstaat onder integer gedrag en wat zij op dit punt van haar medewerkers verwacht.
Marktactiviteiten
De door de Hogeschool van Amsterdam verrichte marktactiviteiten passen in de missie van de hogeschool. Nieuwe initiatieven op dit terrein worden mede getoetst aan de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. Dit betekent ondermeer dat deze activiteiten in lijn liggen met de activiteiten waarvoor de hogeschool een rijksbijdrage van de overheid ontvangt. De activiteiten verhogen de kwaliteit van het onderwijs, dragen bij aan de kennisoverdracht aan de maatschappij en sluiten aan op vastgestelde onderwijscurricula en onderzoekslijnen en/of ondersteunen die. Commerciële activiteiten worden behalve door de Hogeschool van Amsterdam ook aangeboden door andere – met de Hogeschool van Amsterdam verbonden – rechtsvormen.
Declaraties van bestuurders
De Nederlandse hogescholen, verenigd in de HBO-raad, hebben begin 2011 besloten publiek inzicht te geven in de hoogte van declaraties van bestuurders. Daartoe heeft de HBO-raad een format opgesteld dat landelijk gebruikt wordt. De HvA werkt hier graag aan mee. Hieronder volgt een overzicht van declaraties, gedaan in het jaar 2010. Dit overzicht is opgesteld volgens het landelijke format.

