Hogeschool van Amsterdam

Beroepsmogelijkheden

Oefentherapie Mensendieck

Een oefentherapeut is een expert in gezond bewegen. Je geeft mensen met langdurige klachten inzicht in hoe ze bewegen, waar de klachten vandaan komen en hoe ze zichzelf kunnen helpen. Samen met de patiënt stel je doelen op en werk je toe naar de toekomst. Zo zorgen jullie er samen voor dat het leven van de patiënt leuker wordt. In de kern komt Oefentherapie neer op het veranderen van het dagelijks bewegen.

Je werkt met kinderen, jongeren, volwassenen en ouderen. Je behandelt en begeleidt mensen met langdurige pijnklachten aan het bewegingsapparaat. Als oefentherapeut kun je een eigen praktijk starten, bij een instelling of bij een bedrijf aan de slag.

Als oefentherapeut kun je je specialiseren in bepaalde doelgroepen, maar ook is een specialisatie binnen het werkveld mogelijk. Je kunt gaan werken als kindertherapeut, zwangerschapstherapeut, psychosomatisch therapeut (behandelt ook psychische klachten) of revalidatietherapeut voor ouderen.  

Je kunt je eigen praktijk starten, of je als zelfstandige vestigen in het gezondheidscentrum. Je kunt gaan werken in het ziekenhuis, revalidatiecentrum of verpleeghuis. Ook kun je bij een bedrijf gaan werken om te adviseren over gezond blijven werken. Oefentherapeut is een veelzijdig beroep waarmee je een positieve bijdrage levert aan de gezondheid en het welzijn van mensen in hun thuis- en werksituatie. Je expertises zijn dagelijks bewegen en het veranderen van gedrag. Je doet dankbaar werk, want je begeleidt mensen bij het ontdekken en volhouden van gezond beweeggedrag. Daardoor ervaren ze als het goed is minder (pijn)klachten en kunnen ze blijven werken en bewegen.

WERKGELEGENHEID

Het vak is voortdurend in beweging en oefentherapeuten stemmen hun diensten af op nieuwe zorgvragen. De werkgelegenheid voor paramedici zal naar verwachting de komende jaren (licht) stijgen. Naar verwachting komt er in de toekomst meer vraag naar paramedici doordat er een groeiende groep ouderen is die zorg behoeft (bron: ROA 2013).

Gepubliceerd door  Faculteit Gezondheid 8 november 2017