Hogeschool van Amsterdam

Trends: personaliseren

Visie voor de langere termijn op opleiden van professionals in het hoger onderwijs

Personaliseren van het onderwijs is de belangrijkste opdracht is voor de komende jaren. Zowel de arbeidsmarkt, de regio Amsterdam, de student als de ict ontwikkelingen vragen dat van ons. Ook in onze visie op leren en onderwijzen is het ontwikkelen van de talenten en ambities van studenten ons uitgangspunt. Personaliseren van het onderwijs betekent dat de student (binnen bepaalde kaders) invloed heeft op de inhoud, de werkvorm, de leermiddelen, de toetsing, de tijd, de plaats en het tempo van het leren.

De student is dus aan zet, weliswaar met het doel competenties te ontwikkelen die horen bij het startniveau van een hbo'er in een bepaalde beroepssector(gerelateerde) praktijk. In ieder vakgebied en het bijbehorende kennisdomein zijn hardere, generieke competenties te onderscheiden (de body of knowledge en skills) en competenties die kunnen variëren al naar gelang de ambitie en persoonlijke eigenschappen van studenten. Een duidelijk omschreven harde kern (core competenties) blijft belangrijk. Om voorbereid te zijn op de economie van de toekomst zijn echter naast 'vakmanschap in beweging' ook algemene vaardigheden en persoonlijke eigenschappen van belang.
Bij een gepersonaliseerde leerroute gaat het om keuzes op twee niveaus:

  1. De student kiest uit een aanbod -binnen en buiten de opleiding, binnen en buiten de instellingen stelt zo zijn persoonlijke leertraject samen.
  2. De student kan binnen een onderwijseenheid differentiëren in inhoud, leermiddelen, werkvormen, opdrachten en toetsing, tijdstip, tempo en/of plaats. De inzet van ICT is hierin essentieel. De principes van universal design of learning 1 kunnen op dit niveau als inspiratie dienen.

In de mate van personaliseren zijn verschillende gradaties aan te brengen, paragraaf 5 gaat hier nader op in.
Onderstaand gaan we op drie aspecten van personaliseren nader in: samenwerken, effectiviteit, vakmanschap. We bouwen hiermee voort op de drie sleutelbegrippen uit het HvA visiedocument Learning Tomorrow; Nieuw media in het onderwijs (2013): personaliseren, samenwerken en informaliseren.

Samenwerken met (ver)binding als uitgangspunt

Meer rekening houden met de individuele student mag niet ten koste gaan van de sociale binding (individueel ≠ alleen). Samen leren is één van de kaders waarbinnen gepersonaliseerd leren plaatsvindt. Samen werken en leren is ook op de arbeidsmarkt belangrijk. Innovaties vinden namelijk steeds meer plaats in de hele keten, in netwerken (WRR, 2013). Samen leren is vooral zinvol als mensen verschillende capaciteiten en perspectieven meebrengen. Dat betekent dat studenten niet alleen met medestudenten van de eigen opleiding samen leren (waarbij studenten zoveel mogelijk een verschillende taak en rol hebben), maar ook met studenten van andere opleidingen, met de beroepspraktijk en met docenten en lectoren.  De insteek is: iedereen brengt kwaliteiten in en iedereen is lerende.

Personaliseren moet wel effectief zijn

Meer invloed van de student op wat en hoe hij wil leren moet de motivatie en het leren ten goede komen. Maar dat betekent niet dat leren vrijblijvend is of dat een consumptieve houding acceptabel is. Het gaat wel om effectief leren, zowel qua inhoud als qua proces. Inhoudelijk hanteren we binnen de HvA drie effectieve inhouden:

  • vakspecifieke professionaliteit van de sector/branche
  • generieke professionaliteit zoals innovatie, ondernemerschap, creativiteit, sociale competenties , management/leiderschap, interdisciplinariteit, maatschappelijke betrokkenheid
  • kennisontwikkeling op het gebied van praktijkgericht onderzoek2

Personaliseren moet qua proces gepaard gaan met zoveel mogelijk evidence based werken. Als op voorhand niet duidelijk is wat werkt, zal experimenterend en onderzoekend vastgesteld moeten worden wat wel en niet werkt. De inzet van learning analytics maakt effectief leren mogelijk.

Vakmanschap als resultaat

Onderwijs bereidt de student voor op het verwerven van een plek op de arbeidsmarkt en het ontwikkelen van de eigen verdiencapaciteit. Het gaat zowel om het oplossen van de vraagstukken van nu als om het kunnen vormgeven van de vraagstukken van de toekomst. Als een student meer mogelijkheden heeft om zijn eigen leertraject samen te stellen, zijn beide componenten van belang. Voorbereiding op de arbeidsmarkt van nu betekent dat studenten kerntaken kunnen uitvoeren op basis waarvan ze direct inzetbaar zijn in een functie. Vakspecifieke en generieke professionaliteit is daarbij het doel, waarbij studenten bruikbare en goed onderbouwde beroepsproducten opleveren. Voorbereiding op de arbeidsmarkt van straks betekent dat het onderwijs ook (deels) een vrijplaats is om te experimenteren. Kruisbestuiving tussen opleidingen/domeinen is daarbij interessant. Het resultaat dat de student oplevert is in dat geval onzeker, maar de wijze waarop hij hieraan gewerkt heeft is bepalend voor het leren. Onderzoekend vakmanschap is dan de leidraad. Kortom: ook in een gepersonaliseerd leertraject staat professioneel en onderzoekend vakmanschap voortdurend centraal.

Conclusie

Samengevat zijn de kernwoorden van het onderwijs van de toekomst:

  • personaliseren
  • samen leren
  • effectief leren
  • professioneel en onderzoekend vakmanschap

Zoals bovenstaand aangegeven zijn in de mate van personaliseren verschillende gradaties aan te brengen. In onderstaande matrix zijn drie scenario’s uitgewerkt op drie aspecten met verschillende gradaties: invloed en ruimte op de inhoud, de vorm en de leeropbrengsten. Vervolgens worden de drie scenario’s nader toegelicht.

Een gepersonaliseerd curriculum 

 Beperkt  Ruime mate  Maximaal
 Prosumer  Co-creator  Selflearner
Invloed en ruimte op de inhoud Student maakt keuze uit aanbod van leertrajecten, waarbij de inhoud gegeven is, met vooraf bepaalde keuzeruimte Student bepaalt in overleg met de instelling leertraject, maakt daarbij een keuze uit de mogelijkheden en heeft invloed op de inhoudelijke invulling, binnen een gegeven structuur Student stelt zelf zijn leertraject samen op basis van eigen profiel; kiest uit verschillende instellingen, aanbieders en bronnen en laat zich certificeren
Invloed en ruimte op de vorm Student maakt keuze uit aanbod van leertrajecten, waarbij de inhoud gegeven is, met vooraf Balder keuzeruimte (b.v. wijze van samenwerking, leermiddelen) binnen de gegeven werkvorm en de kaders van de docent(en) en binnen de structuur van het leertraject Student bepaalt in overleg met de docent(en) de werkvorm, leermiddelen, de wijze van samenwerken met medestudenten en de toetsing, binnen de structuur van het leertraject Student is zelf verantwoordelijk voor de vormgeving en met wie hij/zij samenwerkt en betrekt in het eigen leertraject
 Invloed en ruimte op de leeropbrengst Student ontwikkelt de competenties die zijn voorgeschreven in smalle of brede opleidingsprofielen; bij brede profielen heeft de student ruimte om eigen accenten te leggen Student bepaalt in overleg met opleiders de eigen competentieontwikkeling in relatie tot smalle en brede opleidingsprofielen Student bepaalt zelf de competenties die aansluiten bij het eigen profiel, al dan niet gebaseerd op een opleidingsprofiel

N.B.: de termen prosumer, co-creator en selflearner zijn typering van de varianten. Ze zijn niet bedoeld om doelgroepen te bepalen.

De prosumer past het beste bij de inrichting van het onderwijs en de onderwijsorganisatie die we goed kennen. De instelling stelt leertrajecten samen op basis van beroepsprofielen en de student kiest voor een bepaald leertraject met meer of minder keuzeruimte. Voor een beperkt aantal beroepen zal het beroepsprofiel nauw omschreven blijven, omdat de uitoefening hiervan duidelijk omschreven kennis en vaardigheden vereist; de meeste andere beroepen krijgen een vrijere invulling met brede beroepscompetenties voor de 21ste eeuw. De leertrajecten worden ontwikkeld op basis van smalle en brede beroepsprofielen. Vormen van activerend en producerend onderwijs motiveren studenten tot leeractiviteiten. De instelling biedt een totaalpakket van inhoud, toetsing, structuur en begeleiding met beperkte ruimte voor de student voor eigen invulling. Deze opzet sluit aan bij het accreditatie-eisen, landelijke afspraken (opleidingsprofielen), regelgeving en bestaande verwachtingen over hoe onderwijs eruit moet zien. Op bepaalde gebieden is verruiming van de afspraken en regelgeving noodzakelijk (b.v. brede opleidingsprofielen).

De co-creator oefent veel invloed uit op het leertraject; zowel op de inhoud als de vorm. De co- creator bouwt voort op de prosumer. Er is een ruime keuze is brede en smalle opleidingsprofielen als eindniveau. De lerende heeft veel invloed op de inhoud en uitvoering. Studenten kunnen combinaties maken binnen en tussen leertrajecten van de opleiding(en). Tevens kunnen onderdelen van leertrajecten buiten de hogeschool worden aangeboord. Studenten kunnen bijvoorbeeld samen met medestudenten, docenten/onderzoekers en medewerkers van bedrijven en publieke instellingen innovatieve en toepasbare kennis creëren voor de beroepspraktijk. Dit scenario vraagt om andere vormen van onderwijsorganisatie en om andere onderwijsconcepten, zoals democratisch onderwijs en chaordisch onderwijs. Bij democratisch onderwijs participeren studenten als volwaardige leden van de onderwijsorganisatie en bepalen ze samen met docenten/begeleiders/coaches de inhoud en uitvoering van hun leertraject. Bij chaordisch onderwijs bepaalt de docent/begeleider/coach de structuur van het onderwijs (tijdspanne, opbrengst, deadlines); de studenten hebben vrijheid hoe ze dit verder invullen in strategieën om kennis te vergaren, toetsing, samenwerkingsverbanden, te benutten bronnen en middelen. Ook deze vormen van onderwijs sluiten aan bij accreditatie-eisen, landelijke afspraken en met -enige aanpassingen- aan regelgeving. Qua verwachtingen wijkt dit scenario af van de gebaande paden. De verschuiving ligt met name in het voorop stellen van de interactie, dialoog, onderhandeling tussen lerenden en begeleiders. Het leertraject is ‘slechts’ middel.

De selflearner is het meest vergaande scenario en komt het meest in de richting van de ‘competente rebel’. In dit scenario is de student volledig zelf aan zet. Hij stelt zijn eigen leertraject samen op basis van informele en formele trajecten in wisselende samenwerkingsverbanden. Hij maakt optimaal gebruik van open source education en zelf gekozen digitale tools. Beroepen zijn dusdanig vloeibaar dat vastgelegde opleidingsprofielen in veel beroepssectoren niet meer realistisch zijn. De lerende kan nog wel kiezen voor een bepaald opleidingsprofiel om zich te certificeren voor een specifiek beroep, maar dat is niet noodzakelijk. Het c.v. van de lerende vormt in feite het diploma. Onderwijsinstellingen ontwikkelen zich tot clearing houses, waar lerenden bepaalde diensten en services kunnen afnemen, waaronder leerervaringen, coaching, certicifering, facilitering (ruimte, middelen). De lerende neemt datgene af waar hij op dat moment behoefte aan heeft. Dit scenario speelt optimaal in op leven lang leren. Onderscheid tussen voltijd en deeltijd is in dit scenario niet meer aan de orde. Het wijkt in grote mate af van regelgeving, accreditatie, landelijke afspraken en wat we verwachten van hbo opleidingen. Ook wijkt het in grote mate af van de wijze waarop het onderwijs wordt bekostigd. Voor de kortere termijn is dit op grotere schaal geen realistisch scenario. Echter, op individuele schaal en met de ict middelen die we tot onze beschikking hebben is dit scenario morgen al in praktijk te brengen.

1. Universal Design for Learning (UDL)is a set of principles that provides teachers with a structure to develop instruction to meet the diverse needs of all learners. A research-based framework, UDL suggests that each student learns in a unique manner so a one-size-fits-all approach is not effective. By creating options for how instruction is presented, how students express their ideas, and how teachers can engage students in their learning, instruction can be customized and adjusted to meet individual student needs.

2. M. Janssen, Excellentieprogramma’s in de HvA, 2012

27 januari 2015