Hogeschool van Amsterdam

Studieprogramma

De deeltijdopleiding Leraar Gezondheidszorg en Welzijn Tweedegraads is in principe een vierjarig traject. De opleiding heeft een flexibel studieprogramma, waarbij je de mogelijkheid hebt om de studie versneld te volgen, afhankelijk van eerder gevolgde opleidingen en werkervaring.

Dit geldt met name voor professionals uit de zorg- en welzijnssector (mbo, hbo, wo) en voor leraren met een andere bevoegdheid. Tijdens de intake bekijk je samen met één van de opleiders hoe jouw studieprogramma/traject eruit komt te zien. Samen stel je een studiecontract op, dat ter goedkeuring wordt voorgelegd  aan de examencommissie. Bovendien houdt de opleiding rekening met je leerstijl, waarbij je zelf kunt bepalen of je meer begeleid studeert (en de lessen volgt) of meer in zelfstudie.
Hierdoor is het mogelijk om onafhankelijk van tijd of plaats te studeren.

De tweedegraads lerarenopleidingen rusten op drie pijlers: werkplekleren (stage), vakkennis, afgeleid van de kennisbasis Gezondheidszorg en Welzijn, en de professionele ontwikkelingslijn. Deze drie pijlers komen in alle fases van de opleiding terug. 

Professionele ontwikkelingslijn en werkplekleren

In de professionele ontwikkelingslijn richt je je aandacht op didactische, onderwijskundige en pedagogische kennis. Je houdt je onder andere bezig met adolescentiepsychologie en leerlingbegeleiding. De theorie over didactiek (zowel algemene als vakdidactiek) en pedagogiek leer je direct toe te passen tijdens je stage (‘werkplekleren’). Tegelijkertijd werk je aan je persoonlijke ontwikkeling en professionalisering als leraar. 

Wanneer je al (onbevoegd) leraar bent, kun je het werkplekleren uiteraard combineren met je huidige baan. Werk je nog niet in het onderwijs, dan kun je terecht bij een van onze opleidingsscholen of bij een stageschool die je zelf regelt. Je loopt in het eerste jaar  al tien dagen stage om te ervaren wat het betekent om voor de klas te staan. 

Kennisbasis Gezondheidszorg en Welzijn

De vakkennis die je opdoet tijdens de opleiding is afgeleid van de landelijke kennisbasis Gezondheidszorg en Welzijn. Thema’s die aan de orde komen zijn: Gezondheid en Ziekte, Werken in de Sector Zorg en Welzijn, Doelgroepen in de sector Zorg en Welzijn (kinderen, volwassenen, ouderen en mensen met een beperking), Voeding en gezond gedrag en Dienstverlening. 

Praktische Vaardigheden (bereidingstechnieken, EHBO, verpleeg- en zorgvaardigheden en uiterlijke en persoonlijke verzorging) staan centraal in de onderwijseenheid ‘Zorgen voor jezelf en zorg voor specifieke doelgroepen’. Bij veel vakken worden gastdocenten uitgenodigd, ga je op excursie of loop je een korte werkveldstage (in de sector zorg en welzijn).

Minor en afstuderen

Tijdens je studie kies je een minor. Een minor is een keuzeprogramma van een halfjaar ter verbreding of verdieping van je studie. Kijk bij Minoren voor meer informatie over de mogelijkheden.

Je rondt de studie af met een LiO-stage (Leraar in Opleiding) en een LiO-praktijkonderzoek. Ook moet je een landelijke kennistoets doen. Het behalen van die toets is een voorwaarde om te kunnen afstuderen.

In de studiegids vind je uitgebreide informatie over het studieprogramma. Let wel dit is een beschrijving van het standaard studieprogramma zoals dat nu wordt aangeboden. 

Gepubliceerd door  Faculteit Onderwijs en Opvoeding 29 september 2015