Hogeschool van Amsterdam

Studieprogramma

De deeltijdopleiding Leraar Aardrijkskunde Tweedegraads is in principe een vierjarig traject. De opleiding heeft een flexibel studieprogramma.

Ook is het mogelijk de studie versneld te volgen, afhankelijk van eerder gevolgde opleidingen en je werkervaring. Tijdens de intake bekijk je samen met één van de opleiders hoe jouw studieprogramma/traject eruit komt te zien. Samen stel je een studiecontract op, dat ter goedkeuring wordt voorgelegd  aan de examencommissie.  

De tweedegraads lerarenopleidingen rusten op drie pijlers: werkplekleren (stage), vakkennis en vakdidactiek, en de professionele ontwikkelingslijn. Deze drie pijlers komen in alle fases van de opleiding terug. 

Professionele ontwikkelingslijn en werkplekleren

In de professionele ontwikkelingslijn richt je je aandacht op didactische, onderwijskundige en pedagogische kennis. Je houdt je bijvoorbeeld bezig met adolescentiepsychologie en leerlingbegeleiding. De theorie over didactiek (zowel algemene als vakdidactiek) en pedagogiek leer je direct toe te passen tijdens je stage (‘werkplekleren’). Tegelijkertijd werk je aan je persoonlijke ontwikkeling en professionalisering als leraar. 

Wanneer je al leraar bent, kun je het werkplekleren uiteraard combineren met je huidige baan. Werk je nog niet in het onderwijs, dan kun je terecht bij een van onze opleidingsscholen. Je loopt dan eerst tien dagen stage om te ervaren wat het betekent om voor de klas te staan. 

Vakkennis en Vakdidactiek

In het eerste jaar wordt de vakkennis aangeboden in een aantal geografische thema’s als Economische Geografie, Politieke Geografie, Geologie en Landschap. In de volgende jaren komen deze thema’s op verschillende schaalniveau (eigen omgeving, Nederland, Europa en wereld) terug. Zo is er een sociaal geografisch onderdeel: Europa, Eenheid in Verscheidenheid en een fysisch geografisch onderdeel: Europa: Mens en Milieu. De vakdidactische leerlijn loopt vanaf  vaardigheden als concretiseren en visualiseren naar uiteindelijk het ontwerpen van lessenseries met ICT.

Minor en afstuderen

Tijdens je studie kies je een minor en een afstudeerrichting: algemeen vormend of beroepsgericht onderwijs. Een minor is een keuzeprogramma van een halfjaar ter verbreding of verdieping van je studie. Kijk bij Minoren voor meer informatie over de mogelijkheden.

Je rondt de studie af met een LiO-stage (Leraar in Opleiding) en een praktijkonderzoek. Ook moet je een landelijke kennistoets doen. Het behalen van die toets is een voorwaarde om te kunnen afstuderen.

In de studiegids vind je uitgebreide informatie over het studieprogramma. Let wel dit is een beschrijving van het standaard studieprogramma zoals dat nu wordt aangeboden. 

Gepubliceerd door  Faculteit Onderwijs en Opvoeding 29 september 2015