Hogeschool van Amsterdam

Kenniscentrum Bewegen, Sport en Voeding

MAMBO

Meten Amsterdamse Motoriek Basisonderwijs

Amsterdamse kinderen bewegen steeds minder; maar liefst 15 procent heeft een vertraagde motorische ontwikkeling en is 23 tot 40 procent is te zwaar. Bewegingsonderwijs speelt een belangrijke rol bij de aanpak van dit probleem. Met het MAMBO-project brengt het lectoraat Bewegingswetenschappen de motorische vaardigheid en BMI van Amsterdamse kinderen in kaart.

Doorbreken vicieuze cirkel

Sommige ouders spelen en bewegen veel met hun kinderen. Dit gebeurt helaas niet in elk gezin. Huub Toussaint, lector Bewegingswetenschappen HvA: “Kinderen die slecht bewegen komen vaak minder goed mee met leeftijdsgenoten. Ze worden eerder gepest en lijken cognitief minder sterk. Minder bewegen en evenveel blijven eten leidt tot een positieve energiebalans en dat leidt weer tot overgewicht. Gevolg: een vicieuze cirkel van weinig bewegen, dikker worden, nog minder bewegingsvaardig zijn enzovoorts. Dit proces willen we doorbreken.”

Inzicht motorische ontwikkeling

Voor een gezonde sociale en cognitieve ontwikkeling van kinderen is een goede motoriek belangrijk. Als een gymdocent motorische problemen in een vroeg stadium signaleert, kan hij tijdig ingrijpen. Bijvoorbeeld door extra gymlessen of met beweegopdrachten voor thuis. Zo betrekt hij ook de ouders erbij.

Toussaint: “Er is helaas nog weinig bekend over de motorische ontwikkeling bij kinderen. Bewegen kinderen met een slechte motoriek minder en worden ze daarom dik? Of worden ze op een of andere manier dik, waardoor ze minder bewegen en een slechtere motoriek krijgen? Dat zijn belangrijke vragen in ons onderzoek.”

14 december 2015