Hogeschool van Amsterdam

Vijf tips om jongeren financieel weerbaarder te maken

HvA-promovenda pleit voor meer financiële educatie op scholen

28 mrt 2019 14:57 | Afdeling Communicatie

Volgens onderzoek van het Nibud heeft 37% van de mbo-studenten van 18 jaar en ouder één of meer schulden. Het zorgelijke hieraan is dat bijna de helft hiervan dit niet als een probleem ervaart. Dat was aanleiding voor HvA-docent-onderzoeker Aisa Amagir om promotieonderzoek te doen naar de financiële geletterdheid van jongeren. "Je moet ze leren toekomstgericht te denken."

Oorzaak  van het schuldenprobleem onder jongeren is waarschijnlijk dat er nu meer verleidingen zijn dan 20 of 30 jaar geleden, vermoedt Amagir. "Jongeren kunnen makkelijk online winkelen en je ziet ook dat het financiële landschap verandert, een voorbeeld daarvan zijn bitcoins. Daarnaast moeten mensen nu meer financiële keuzes maken dan voorheen.” 

Gedrag

Amagir, als onderzoeker verbonden aan het lectoraat didactiek van de maatschappijvakken, onderzocht in hoeverre jongeren beschikken over de juiste kennis, vaardigheden, attitude en gedrag om alledaagse financiële beslissingen te nemen en welke factoren daarop van invloed zijn. Daarnaast deed ze een literatuurstudie naar financiële educatie programma’s en onderzocht welke kenmerken programma’s hebben die goed blijken te werken.

“Zo is leren door te doen en ingaan op het dagelijks leven (life events) van een leerling belangrijk. Je moet het niet hebben over hun pensioen, want dat is te ver weg. Maar bijvoorbeeld wel over het betalen van hun studie of over de kosten die ze kwijt zijn als ze op kamers gaan. Daarnaast is het van belang dat je hen niet alleen op korte termijn, maar ook toekomstgericht leert denken.”

Amagir concludeerde uit haar vooronderzoek dat financiële educatie niet alleen op kennis gericht moet zijn, maar ook op houding en gedrag: “Er zijn al een aantal scholen die financiële educatie aanbieden en daar zien we een positief effect op de kennis van leerlingen. Alleen zien we niet dat hun houding of gedrag hierdoor ook verandert. Dit gebeurt meer door gesprekken met ouders en peers."

Dromen

Met docenten en leerlingen ontwierp ze een programma en introduceerde dit op twee verschillende scholen: “Het programma heet SpaarWijs. Het programma start met de vraag ‘Hoe kun je je dromen bereiken?’ Op die manier zijn leerlingen al bezig met toekomstgericht denken. Vervolgens stelden ze een spaardoel op voor de komende 6 maanden tot een jaar.

Dat spaardoel kwam de hele lessenreeks terug. Hierdoor leerden leerlingen door te doen. Ze waren verrast dat ze niet alleen oefenden, maar echt ergens voor moesten sparen.”

Ook hebben we elementen uit de gedragseconomie toegevoegd en uitgelegd wat bijvoorbeeld de Latte-Factor is: geld uitgeven aan kleine dingen zonder je daarvan bewust te zijn, bijvoorbeeld een Café Latte op het station. Op jaarbasis kan dit oplopen tot een hoog bedrag, dit geld konden ze dan juist opzij leggen. Een van de leerlingen vond de term ‘Red-Bull Factor’ beter passen voor jongeren,” voegt Amagir glimlachend toe.  

Ouders

Ook werd er aandacht besteed aan de vervolgstappen als leerlingen het bedrag eenmaal bij elkaar gespaard hadden. Ze leerden vooronderzoek te doen en winkels of merken met elkaar te vergelijken. “Daar zijn leerlingen dan weer heel handig in,” aldus Amagir,  ”ook hebben we de ouders erbij betrokken door leerlingen opdrachten mee te geven die ze met hun ouders moesten bespreken. We weten uit onderzoek dat dat het grootste effect sorteert. Maar helaas krijg niet iedereen een financiële opvoeding van huis mee. Daarnaast is praten over geld nog altijd taboe." 

Amagir vindt dan ook dat het financieel weerbaarder maken van jongeren niet alleen een verantwoordelijkheid is voor de ouders. "Het gaat hier om een gedeelde verantwoordelijkheid, ook de school zou een rol moeten spelen."

Op dit moment is Amagir bezig met het laatste onderdeel van haar promotieonderzoek, waarin ze het programma SpaarWijs heeft getest bij 800 leerlingen, verspreid over scholen door heel Nederland. De voorlopige resultaten zijn veelbelovend. In december dient ze haar proefschrift in.

We spraken Amagir over haar onderzoek in het kader van de Week van het geld.  Wijzer in geldzaken, een initiatief van het ministerie van Financiën, organiseert de week voor de negende keer.

Tijdens deze week (van 25 t/m 29 maart) krijgen kinderen op de basisschool activiteiten aangeboden waarin ze leren omgaan met geld. Zo verzorgen financiële professionals op aanvraag gastlessen en workshops.

Merkt Amagir door deze aandacht dat de financiële geletterdheid van kinderen en adolescenten verbetert?

“Een week is eigenlijk te kort om echt effect te sorteren. Daarom willen we ook dat financiële educatie integraal onderdeel wordt in het curriculum van scholen. In alle lagen van het onderwijs, dus niet alleen voortgezet, maar ook basis en hoger onderwijs.

Tegelijkertijd willen we docenten en leerlingen niet overvragen. Het zou daarom onderdeel moeten worden van het bestaand curriculum. In het voortgezet onderwijs bijvoorbeeld binnen het schoolvak economie of mens en maatschappij. En daarbij moeten scholen werken met life-events en inspelen op het dagelijks leven van leerlingen. Daar pleit ik voor.”   

Meer over onderzoek vanuit het HvA-speerpunt Urban Education