Hogeschool van Amsterdam

HvA-onderzoek: vooroordelen belemmeren integratie GGZ-cliënten

HvA-studenten adviseren over aanpak beeldvorming

28 mrt 2017 09:47 | Afdeling Communicatie

Een maatjesproject en een training voor vrijwilligers en sleutelfiguren: dit zijn enkele aanbevelingen om de integratie van GGZ-cliënten in de Indische Buurt te verbeteren. Die integratie in de buurt en de maatschappij verloopt namelijk moeizaam, blijkt uit een onderzoek dat HvA-studenten van de minor Community Care hebben uitgevoerd. GGZ-instelling Arkin en GGD Amsterdam starten nu met de aanbevelingen uit het onderzoek het gezamenlijke project ‘Samen Buurten’, om het contact met GGZ-cliënten in de Indische Buurt in Amsterdam-Oost te bevorderen.


Gewelddadig, onhygiënisch en onvoorspelbaar. Deze indruk hebben bewoners uit de Indische Buurt doorgaans van GGZ-cliënten die tussen hen in de wijk wonen, zo blijkt uit het onderzoek dat de HvA-studenten hebben uitgevoerd in opdracht van Stadsdeel Oost, de GGD en GGZ-instelling Arkin.

Aanleiding voor het onderzoek was dat gemeente, GGD en GGZ zicht willen op hoe de ‘vermaatschappelijking’ van mensen met psychiatrische problemen verloopt: de ontwikkeling dat deze groep steeds vaker in ‘gewone’ wijken en buurten zelfstandig woont, in plaats van in een psychiatrisch ziekenhuis. Een mooi idee, maar in hoeverre vinden de thuiswonende GGZ-cliënten daadwerkelijk aansluiting bij de maatschappij?

De Indische buurt is een interessant gebied om dit te onderzoeken, want hier wonen relatief veel mensen met psychologische kwetsbaarheid, en het aantal GGZ-cliënten in de buurt stijgt. Bovendien is het een levendige buurt waar bewoners met elkaar veel activiteiten organiseren.

Vrouw en twee kleurrijk geklede meisjes houden papier-maché marionet vast

Foto's: Hans Heitgeert (oost-online.nl)


Minimum aan contact

Het viel organisaties in de Indische wijk al op dat de GGZ-cliënten niet bij al deze activiteiten te vinden zijn. Uit het onderzoek van de HvA-studenten blijkt dan ook het contact van de bewoners met GGZ-cliënten tot een minimum beperkt blijft- hoogstens worden een paar zinnen uit beleefdheid uitgewisseld bij de voordeur.
 

Stigma’s

Stigma’s en vooroordelen over de cliënten vormen samen met onwetendheid de voornaamste reden van het gebrek aan contact. Dit blijkt uit de diepte-interviews die de studenten hebben gevoerd met sleutelfiguren in de wijk (dit zijn door medebewoners aangewezen aanspreekpunten in de buurt), met buurtbewoners en een ervaringsdeskundige. 

Woorden als ‘gek’, ‘gevaarlijk’, ‘verwaarloosd’ en ‘raar’ kwamen regelmatig terug in de interviews. De studenten herkennen deze stigma’s vanuit het literatuuronderzoek dat zij uitvoerden naar beeldvorming over GGZ-cliënten. Deze vooroordelen zijn in de meeste gevallen niet gegrond, blijkt uit de onderzoeksliteratuur. Dit vertelt Timo Veraart, vierdejaarsstudent Toegepaste Psychologie, een van de vier studenten die het onderzoek uitvoerden: ‘‘Mensen denken bijvoorbeeld dat psychiatrisch patiënten gewelddadig zijn. Maar uit diverse onderzoeken blijkt dat GGZ-cliënten juist aanmerkelijk vaker slachtoffer van geweld zijn dan dader.’

 

Bewonerspubliek in zaal centrum de Meevaart in Indische Buurt

Aanbeveling van studenten: informatiemiddagen met ervaringsdeskundigen

Drempel

Voor niemand is een stigma leuk, maar juist voor deze mensen zijn dit soort negatieve oordelen– en daarmee samenhangend vermijdend of vijandig gedrag- extra schadelijk en fnuikend. Zij hebben een veilige omgeving nodig om weer naar buiten te durven treden en aansluiting te vinden bij de maatschappij.

Voor mensen met psychologische kwetsbaarheid is acceptatie door de buurt daarom erg belangrijk, legt Timo uit: ‘GGZ-cliënten hebben op basis van eerdere negatieve ervaringen al angst ontwikkeld om contact aan te gaan of hun huis te verlaten. Die drempel moet juist verlaagd worden; stigma’s en uitsluiting werpen een extra drempel op en vergroten het isolement.’

Onvoldoende bagage

Het zijn niet alleen de vooroordelen die een rol spelen, maar ook een gevoel van onvermogen. Timo: 'Bewoners zijn zich ervan bewust dat GGZ-cliënten niet alleen de paradijsvogels zijn, maar ook bijvoorbeeld mensen met een depressie. Ze vinden het schrijnend, maar denken: wat kan ik zelf hieraan doen?’, zegt Timo. ‘Zowel de vrijwilligers als sleutelfiguren in de wijk hebben het gevoel dat ze onvoldoende training hebben gehad en de professionele bagage niet hebben om met GGZ-cliënten te kunnen omgaan.

Koppelactie

‘Onbekend maakt onbemind’, die constatering komt vaak terug in het HvA-onderzoek, want de vooroordelen en onwetendheid zijn er juist omdát buurtbewoners de GGZ-cliënten niet persoonlijk kennen. De studenten hebben daarom in het onderzoek een aantal concrete aanbevelingen gedaan om het contact met GGZ-cliënten in de wijk tot stand te brengen, zodat zij meer betrokken worden bij de buurt en zo ook meer kunnen deelnemen aan de maatschappij:

  • Ten eerste: een training voor vrijwilligers en sleutelfiguren in de wijk, zodat zij tools in handen krijgen voor contact met de ggz-cliënten, en zich hierin gesterkt voelen.
     
  • Een maatjesproject, waarbij de vrijwilligers in de buurt worden gekoppeld aan een GGZ-cliënt met dezelfde interesses. Timo: ‘Face-to-face-contact is het beste. Maar er is bij GGZ-cliënten veel schaamte vanwege hun situatie; zij gaan soms eigen kennissen ook uit de weg juist vanwege de stigma’s. Het is daarom heel constructief als zij een maatje hebben dat bij hen thuis komt. Outreachend werk is juist voor deze groep een belangrijke sleutel.’
     
  • Koffiemiddagen in de buurt, waarbij ervaringsdeskundigen (oud-)ggz-cliënten) vertellen: zo zit ik in elkaar, en dit zijn mijn ervaringen. Buurtbewoners krijgen zo de mens met persoonlijkheid achter de GGZ-cliënt te zien.
     
  • Specifieke buurtactiviteiten organiseren, zoals een festival gerund door ggz-cliënten. Een goed voorbeeld in de Indische Buurt loopt al: een restaurant gerund door GGZ-cliënten.

Gelijkgestemd

Timo denkt dat deze aanbevelingen, zoals ze nu in het project Samen Buurten van Arkin en de GGD worden gerealiseerd, zeker voor verandering zullen zorgen. ‘Juist in de Indische Buurt, met de vele actieve bewonersnetwerken en vrijwilligersorganisaties, is dit mogelijk. Al deze kennismakingen kunnen de vicieuze cirkel doorbreken. Zo is er nog een reden dat het contact met GGZ-cliënten wordt vermeden: mensen willen omgaan met gelijkgestemden en zien niet wat zij aan zo’n contact zouden hebben. Maar als bewoners hen beter leren kennen, ontdekken ze waarschijnlijk meer overeenkomsten dan ooit gedacht.’

 

Foto's: oost-online.nl

Het onderzoek is uitgevoerd door HvA-studenten Kirsten Bakker, Melissa de Rijke, Margot van der Meulen (Sociaal-Pedagogische Hulpverlening) en Timo Veraart (Toegepaste Psychologie). De studenten hebben begeleiding gekregen van BOOT, de buurtwinkel van de HvA, met veel contacten met bewonersorganisaties en sleutelfiguren. Neem voor meer informatie contact op met Albert Beije Ramirez, coördinator van BOOT-Oost en begeleider van het onderzoek.